mare

Fides Inversa – Historia nocturna

Dat Gionata Potenti een wünderkind is hoef ik niet meer te vertellen. Met verdiensten bij onder andere Blut Aus Nord, Chaos Invocation, Darvaza, Enepsigos, Martröð en een verleden bij Acherontas heeft de Italiaan een bijzonder indrukwekkend palmares opgebouwd. In 2006 richtte hij onder het pseudoniem Omega A.D. samen met Void A.D. de entiteit Fides Inversa op, en drie jaar later werd het geniale “Hanc aciem sola retundit virtus (the algolagnia divine)” op de mensheid losgelaten, een album dat hier nog steeds heel regelmatig eens de revue passeert. Ook het prima “Mysterium tremendum et fascinans” (van een originele titel gesproken zeg) en de daaropvolgende “Rites of inverse incarnation” EP wisten onze honger voor orthodoxe black metal (hoe kan het ook anders bij een label als World Terror Committee?) te stillen. Anno 2020 komen de heren terug ten tonele, maar hebben een zeer interessante beslissing genomen: blijkbaar hadden de Italianen nood aan een zuchtje noorderwind dat eerder een wervelstorm is geworden, want niemand minder dan Wraath werd ingelijfd. Dezelfde Wraath die we kennen van ondermeer Darvaza, Behexen, Mare, Ritual Death en One Tail, One Head en die zonder enige twijfel één van de beste frontmannen binnen hedendaagse black metal is en zodus een aanwinst is voor zo goed als elk project waarmee hij in aanraking komt. Ook labeleigenaar Unhold is op de plaat te horen. De niet onbesproken Absurd-zanger speelde de baspartijen in maar zal live niet van de partij zijn. Zoals vanouds speelt Fides Inversa orthodoxe black metal volgens de regels van de kunst, maar het gitaarwerk klinkt gejaagder, opgefokter (“A wanderer’s call and orison”) en triomfantelijker (“I glance you with a touch…”) dan ooit, waarbij op dat laatste nummer de gecombineerde stemmen van Potenti en Wraath het nummer nog eens extra epiek meegeven. Op een nummer als “The Visit” blijkt dat de heren nog steeds goed geluisterd hebben naar “Si monvmentvm reqvires, circvmspice” en “Paracletus”, maar Fides Inversa heeft gelukkig nog steeds een eigen smoelwerk. Geen klassieke intermezzo’s deze keer, al wordt er wel wat geëxperimenteerd met repetitieve gitaarloopjes en vooral helder ‘roepende’ zang, in “Syzygy” zelfs bijgestaan door hoge vrouwelijke vocalen, en in tegenstelling tot op “Rites of inverse incantation” is dit experiment hier meer dan geslaagd en creëert dit veel variatie op een album dat het voor de rest vooral van hoge tempo’s moet hebben en waar de retestrakke blast beats van Potenti de plek in de schijnwerpers opeisen. Na deze epiek grijpt het energieke “I am the iconoclasm” echter nog eens duidelijk terug naar de begindagen van de band, en komen ook wat thrash-invloeden van om de hoek piepen, wat ik enkel kan toejuichen! Fides Inversa heeft met de huidige line-up enkele knallers van muzikanten in de gelederen, en “Historia nocturna” is zodus opnieuw een zeer degelijk werk geworden dat in tegenstelling tot vorig werk een zeer volle sound heeft meegekregen, nog steeds nét wordt overschaduwd door het monumentale debuut maar voor de rest met kop en schouders boven de twee voorgaande releases uitsteekt.

CAS: 85/100

Fides Inversa – Historia nocturna (World Terror Committee Productions 2020)
1. Intro
2. A wanderer’s call and orison
3. Transcendental lawlessness
4. The visit
5. I glance at you with a touch…
6. Syzygy
7. I am the iconoclasm

Enevelde – Enevelde

Trondheim is het nieuwe Bergen, zo lijkt het de laatste jaren in elk geval te zijn in het Noorse black metal landschap. Ook nu weer steekt een veelbelovende nieuwe band de kop boven water. Enevelde is de bandnaam, wat Noors is voor ‘alleenheerschappij’ en Terratur Possessions is het label van dienst – hoe kan het ook anders? De bandnaam is niet slecht gekozen daar Enevelde het soloproject is van Misotheist frontman B. Kråbøl, die in afwachting van diens nieuwe album zelf een plaat schreef, opnam en inspeelde. Het gelijknamige album bevat vier nummers die gezamenlijk op een veertigtal minuten afklokken. Dit impliceert een min of meer epische en grootse aanpak wat zeker bevestigd wordt. De vier composities zitten goed doordacht in mekaar en zijn veelal slepend van aard hoewel er in opener “Kroppens mani” ook ruimte is voor uptempo agressie. Het melodieuze gitaarwerk is in staat om panoramische landschappen te schetsen waarboven massieve donderwolken – net zoals op het onheilspellende cover artwork -samenpakken die vervolgens niet veel goeds inluiden. De strot van B. Kråbøl klinkt lekker diep en verhalend. Op het repetitieve meer dan tien minuten durende “Forringelse” horen we Whoredom Rife zanger K.R. de vocalen voor zijn rekening nemen. De neerslachtige sfeer die heer neergezet wordt, heeft soms ook wel wat weg van labelgenoten Knokkelklang. “Irrgangen” wordt middels pakkende riffs ingezet en drijft het tempo opnieuw op, hoewel dit naar het einde toe wordt afgezwakt en we haast in doomregionen belanden. Vellenmepper van dienst in dit nummer is trouwens Katechon drummer (en familielid?) T. Kråbøl. Middels “Daukjøttet” zijn we al gauw bij het laatste nummer aanbeland waarin opnieuw ruimte is voor een gastbijdrage. De gitaarsolo is immers van de hand van Mare’s Nosophoros. Deze hekkensluiter start aanvankelijk met mysterieuze natuurmystieke klanken om kort nadien in een heus blastfestijn los te barsten. Terwijl de drums repetitief blijven doordenderen weten de beklijvende tremeloriffs ons volledig in te pakken. Dit is een debuut om trots op te zijn. Ongelofelijk hoeveel talent er in Trondheim rondloopt.

JOKKE: 85/100

Enevelde – Enevelde (Terratur Possessions 2020)
1. Kroppens mani
2. Forringelse
3. Irrgangen
4. Daukjøttet

Ibex Angel Order – I.Õ. Creatõr / I.Õ. Destrõyer

Ondanks de sterke line-up van de meest recente editie van het Veneration Of The Dead-festival moest ik verstek laten gaan. Opener van dienst was het Nederlandse Ibex Angel Order en naar aanleiding van hun optreden zagen ze de kans mooi om nieuw werk te laten horen, al is het slechts een twee songs tellende tape (de EP-versie zou nog moeten volgen). “I.Õ. Creatõr / I.Õ. Destrõyer” laat twee ritualistische invocaties horen die conceptueel gezien rond primitieve en gnostische kunst draaien. De occulte atmosfeer druipt middels allerhande rituele gezangen en percussie inclusief gong- en belgeluiden van de twee nummers af en het is best bewonderenswaardig dat een duo – zanger/gitarist Herr Aids en drummer Ludas – Urfaustsgewijs in staat is deze magische atmosfeer neer te zetten. “I.Õ. Creatõr” is erg bezwerend door de vocale aanpak die parallellen vertoont met een band als Mare, maar bevat ook enkele sterke gitaarriffs en wisselt knuppelstukken met dreigend mid-tempo werk af. “I.Õ. Destrõyer” kent een noisy trance opwekkende start maar eens Ludas uit de startblokken schiet, lijkt er geen ontsnappen meer aan en worden we in de ban gehouden door de profetische bezweringen en repetitieve riffs van Herr Aids. Ibex Angel Order zet de kwaliteit van het sterke debuut “I” met deze EP resoluut verder.

JOKKE: 85/100

Ibex Angel Order – I.Õ. Creatõr / I.Õ. Destrõyer (Heidens Hart Records 2019)
1. I.Õ. Creatõr
2. I.Õ. Destrõyer

Misotheist – Misotheist

Wat zit er daar in Trondheim in het water zeg? Met killer releases van o.a. Knokkelklang, Mare en Whoredom Rife voorspel ik reeds een mooie aanwezigheid van Terratur Possessions in mijn eindejaarslijstje. Out of the blue brengt het Noorse label eind november ook nog het debuut uit van Misotheist, een kakelverse nieuwe speler uit de Trondheim-scene die door labelbaas Ole een platform aangereikt krijgt om haar haat jegens God wereldkundig te maken. Meer is er van de band niet geweten: geen social media accounts, geen name dropping van vorige bands en geen ego’s. Let the music do the talking! Op basis van de eerste vrijgegeven track, het elf minuten durende “Beast and soil“, zat er nog heus wat duw-en-trek-werk in mijn top 10 aan te komen. Dit epische nummer zalft onze oren eerst met een Oost-Europees Drudkhiaans-aandoend folky deuntje om vervolgens keihard toe te slaan met repetitieve en opgejaagde black waarin – voor zover die al bestaat – een zekere Terratur-vibe hoorbaar is. Halfweg trakteren de Noren ons op pulserende uithalen om uiteindelijk middels slepende dissonantie in een pakkende apotheose uit te monden waarin het spanningsveld opgezocht wordt tussen blastbeats en een bloedmooie doommelodie. Enig minpuntje is de overgang naar de finale die beter uitgewerkt had kunnen worden. Naast deze geweldige song prijken er op het debuut nog twee andere nummers die qua speelduur en dynamisme alvast niet moeten onderdoen. Opener “Carriers of captivity” vlamt er meteen op los met repetitieve drumsalvo’s, grimmige vocalen en venijnige riffs maar wanneer de drums wegvallen en we het met een passage vol dissonante gitaarklanken moeten doen, verslapt de aandacht doordat de vaart uit het nummer wordt gehaald. Nadien schakelt de band over naar een slepende doom-modus die uiteindelijk terug in een blastfestijn en triomfantelijke riffs uitmondt, waardoor we terug bij de les zijn. Afsluiter “Blood of rats” start met een trage onheilspellende riff in 7/8 waarover rochelende screams dood en verderf zaaien. Het duurt echter niet zo lang alvorens ook hier een vijftigtal versnellingen hoger geschakeld wordt en we de band in haar meest agressieve vorm horen. Er wordt nogmaals teruggekeerd naar onwelriekende mid-tempo regionen om ons tenslotte tot aan het gaatje te bestoken met een zinderende en voortdenderende climax. In de wandelgangen heb ik opgevangen dat een opvolger reeds zou ingeblikt zijn. We zullen dus niet al te lang moeten wachten op nieuw werk van Misotheist. Dit debuut zal volgende maand niet in de allerhoogste regionen eindigen maar klinkt alvast erg veelbelovend!

JOKKE: 82/100

Misotheist – Misotheist (Terratur Possessions 2018)
1. Carriers of captivity
2. Beast and soil
3. Blood of rats

Misotheist_Cover

 

Whoredom Rife – NID – Hymner av hat

Vier jaar geleden meldde het Noorse Whoredom Rife zich vanuit het niets aan het black metal-firmament. Partner in crime was Terratur Possessions, een label met een uit de kluiten gewassen neus voor al het talent dat er in Trondheim en omstreken ronddwaalt. Middels haar selftitled EP uit 2016 en de debuutlangspeler “Dommedagskvad” uit 2017 wist de band, bestaande uit kernduo V. Einride (alle muziek) en K.R. (zang), heel wat zieltjes voor zich te winnen. Ook live wist het duo, aangevuld met leden van One Tail One Head, Mare, Ritual Death en Perished, me eerder dit jaar op Throne Fest te overtuigen middels een strakke en bevlogen performance. Dat sommige criticasters van Boredom Rife spreken, snap ik dan ook hoegenaamd niet, tenzij je je portie black metal liever rommeliger, grimmiger of dissonanter consumeert: op dat vlak is Whoredom Rife inderdaad meer easy listening. Het duo perfectioneert haar jaren ’90 black dan ook tot in de puntjes zonder echter een nieuw/fris geluid te laten horen. De band heeft als doel de oude Noorse grootheden te eren en slaagt met verve in haar opzet. Zoals al vaker het geval is geweest bij de band, ervaar ik hetzelfde majestueuze gevoel als bij het onvolprezen debuut van Keep Of Kalessin (ik weet het ondertussen wel hoor jongens!) en in “New hate dawns” grijpt de band terug naar het gouden Satyricon-tijdperk ten tijde van “Nemesis divina“. Aan inspiratie blijkbaar geen gebrek aangezien de Noren een jaar na “Dommedagskvad” al met langspeler nummer twee op de proppen komen. Een plaat die de band wel eens definitief tot in de hoogste regionen van het black metal-wereldje zou kunnen stoten, zonder dat er noemenswaardige veranderingen te bespeuren vallen ten opzichte van het debuut. De bijwijlen epische en monumentale zwartmetalen klanken bevatten nog steeds de nodige portie haat en venijn, de sound is droog en helder maar niet te afgelikt en het artwork is voor de derde keer op rij van de hand van Jose Gabriel Alegría Sabogal en Kontamination Design en bevat – in tegenstelling tot de blasfemische taferelen van de hoes van “Dommedagskvad” – verwijzingen naar de lokale thuisstad Trondheim. Het nieuwe materiaal klinkt wel donkerder en meer repetitief vergeleken met de voorganger en er werden deze keer amper ondersteunende keyboards ingezet. “Hyllest” werd als eerste nummer op ons losgelaten en start inderdaad met een vrij eentonige basisbeat, maar halfweg het nummer schudt de multi-instrumentalist wel weer een ijskoude kippenvelopwekkende melodie uit zijn gitaar. Elke song bevat er zo wel één. Herhaling (zowel qua riffstructuren als invulling van de blastbeats waarbij er weinig plaats is voor cymbaalaccenten en inventieve roffels) en een goed oor voor melodie lijken ook in de andere songs de basisformule te zijn, maar het magistrale “Where the shadows dwell“, dat akoestisch start, springt er nog een tikkeltje extra bovenuit qua pakkendheid. Het tempo ligt volcontinu hoog waarbij opener “Summoning the ravens” en “Crown of deceit” het felste uit de speakers knallen. Het is eigenlijk pas in de meer dan tien minuten durende afsluiter “Ceremonial incantation” dat er wat gas terug genomen wordt; dit is meteen ook de meest epische en slepende song op de plaat. Whoredom Rife levert met “NID – Hymner av hat” een logische opvolger uit voor het debuut dat waarschijnlijk nog moeilijk te overtreffen valt. De aanpak is iets meer back to basics, maar zelfs na een tiental luisterbeurten blijven de songs dermate boeien, waardoor de band in haar opzet slaagt. Ik voorspel een heel mooie toekomst voor deze Noren.

JOKKE: 90/100

Whoredom Rife – NID – Hymner av hat (Terratur Possessions 2018)
1. Summoning the ravens
2. Verdi oeydest
3. Where the shadows dwell
4. Hyllest
5. Crown of deceit
6. New hate dawns
7. Ceremonial incantation

WhoredomRife_Cover

One Tail One Head – Worlds open worlds collide

Een klein jaar geleden liet One Tail One Head eindelijk een voorproefje horen van haar debuutalbum “World open worlds collide” via de “Firebirds“-single. Ondertussen stuurde de band uit Trondheim de boodschap de wijde wereld in dat het debuut, dat zo’n twaalf jaar na oprichting zou verschijnen, meteen ook haar zwanenzang zal zijn. Vooral op het podium zal dit zooitje ongeregeld gemist worden want ze speelden de concurrentie met hun energieke en dynamische spel toch meermaals naar huis. Het feit dat het kwartet regelmatig op mooie affiches prijkte zonder een écht noemenswaardige release onder de arm te hebben, wekte links en rechts wel wat afgunst op, maar ik denk nu niet dat ze daar ook maar één nacht slaap voor gelaten hebben. Op de tracklist van “Worlds open worlds collide” vinden we zowel meer primitieve, tien jaar oude nummers terug als recenter, meer atmosferisch werk. “Arrival, yet again” moet even op gang komen, maar spreidt na een minuutje de kracht van de band tentoon middels opzwepende black metal, dynamisch drumwerk en een zwaar ronkende bas die een stuwende kracht doorheen de ganse plaat vormt. De titeltrack rockt lekker weg, maar blijkt vooral ook het moment te zijn waarop zanger Afgrundsprofet – die we in andere gedaantes ook tegenkomen bij onder andere Mare, Ritual Death, Whoredom Rife, Darvaza en Behexen – zich vocaal kan uitleven en de meest bizarre keelklanken produceert. Ik heb het al menigmaal gezegd en herhaal het nog een laatste keer: de zwaar getatoeëerde frontman is één van de beste die er momenteel op onze aardkloot rondlopen. “Stellar storms” is met haar zeven minuten een vrij lang nummer naar One Tail One Head-normen en is progressiever van opzet, maar lijkt ook nooit écht ergens naartoe te gaan. Bovendien ben ik geen fan van de main riff die regelmatig terug opduikt, ook al doet ie me soms wat aan Turia denken. Geef me dan maar het prijsbeest “Firebirds” dat hier echter in ingekorte versie terug te vinden is vergeleken met de single-versie van vorig jaar, zonder atmosferisch eindstuk dus. “Rise in red” is een vet nummer in hetzelfde straatje, of zeg maar gerust donker steegje waarin een zekere vijandigheid op de loer ligt en waardoor de geur van dood en verderf waait. Tussen deze twee krakers horen we “Sordid sanctitude“, een instrumentale track die de atmosferische kaart trekt maar me weinig boeit en waarin de basgitaar té prominent aanwezig staat en alzo veel definitie van de gitaar wegneemt. Een euvel dat we meermaals op de plaat tegenkomen. “Passage” is vintage One Tail One Head waarin de basloopjes dan weer Alkerdeelsgewijs positief uit de primitieve riffmuur springen. “Summon surreal surrender” is het langste nummer dat de bende ooit geschreven heeft en mixt donkere energie en duistere atmosfeer op een positieve manier. Concluderend kan gezegd worden dat “Worlds open worlds collide” niet de kopstoot is geworden die ik had verwacht. Hiervoor weet de band niet altijd voldoende te overtuigen in de meer atmosferische stukken en verneukt de sound van de té prominent aanwezige bas de luisterervaring meermaals, ook al is ze één van de sterktes van de band. Wanneer One Tail One Head echter goed op dreef is in de meer rechttoe-rechtaan stukken wordt de energie van haar live performances op plaat geëvenaard.

JOKKE: 80/100

One Tail One Head – Worlds open worlds collide (Terratur Possessions 2018)
1. Certainly not
2. Arrival, yet again
3. Worlds open, worlds collide
4. Stellar storms
5. An utter lack of meaning, Hitherto unbeknownst, suddenly revealed
6. Firebirds
7. Sordid sanctitude
8. Rise in red
9. Passage
10. Summon surreal surrender

Ritual Death – Ritual Death

Eén van de rauwste spelers van de Nidrosian black metal-scene is ongetwijfeld het mysterieuze Ritual Death waarachter leden van ondermeer Mare, Dark Sonority en One Tail One Head schuilgaan. Blikvanger in de ruwe sound van het trio zijn de orgelklanken van organist H. Tvedt die zoals steeds een mysterieus, sacraal sfeertje over het geheel draperen. “Luciferian pyre” is hier een schoolvoorbeeld van. Zanger/gitarist Luctus perst, zoals we van hem gewend zijn, erg vreemde klanken uit zijn keel waarbij de gehoornde meermaals geëerd wordt. Het slepende “Ritual murder (Mark of the devil)” klinkt hierdoor erg creepy en haast als een ritualistische zwarte mis. Op de drumkruk vinden we Mare-mastermind Nosophoros terug die de trommels basic en rechtlijnig maar effectief bespeelt. De vier nummers op deze selftitled EP – wat het er niet gemakkelijk op maakt aangezien de debuut-EP ook titelloos was – doen bovendien de oerdagen van het black metal-genre herleven. Geen al te moeilijke, primitief van insteek zijnde duivelse herrie in een to the point en no-nonsense uitvoering. Love it! Veel meer woorden dienen hier niet aan vuilgemaakt te worden.

JOKKE: 80/100

Ritual Death – Ritual Death (Terratur Possessions 2018)
1. Ritual death
2. December moon cultus
3. Luciferian pyre
4. Ritual murder (Mark of the devil)

Mare – Ebony tower

Een luttele vijftien jaar na haar oprichting vond het Noorse Mare het maar eens hoogtijd geworden om met een volwaardig debuut op de proppen te komen. We kregen sinds de geboorte van de band gelukkig wel al drie demo’s en twee goede EP’s te verwerken (“Spheres like death” uit 2010 en “Throne of the thirteenth witch” uit 2007). Het uit Trondheim afkomstige kwartet doopte haar sound – op al dan niet arrogant wijze – tot “Nidrosian black sorcerous art” en bestaat uit leden die in de line-up van zowat elke andere Nidrosian black metal band opduiken/opdoken. Dit vriendenclubje, met het label Terratur Possessions als gemene deler, krijgt her en der ook wel wat kritiek en misnoegen omdat deze scene serieus gehypet zou worden. So be it, ik vind zowat alles uit de NBM-scene verdomd lekker, of het nu origineel klinkt of niet. En sinds een overweldigend optreden van enkele jaren geleden in Magasin 4, staat dus ook Mare bij ondergetekende hoog aangeschreven waardoor deze langspeler met veel gejuich onthaald wordt. Van de twee beresterke nummers “Blood across the firmament” en het van een Emperor-achtige intro voorziene “These foundations of darkness” konden we al enige tijd genieten en deze deden me watertanden naar de drie andere songs die “Ebony tower” vervolledigen. De muziek van Mare kenmerkt zich vanaf de openingstonen van “Flaming black zenith” door een erg occult sfeertje dat doorheen haar black metal waart en zich dieper onderhuids vastzet. In de eerste plaats manifesteert die rituele atmosfeer zich middels de sacrale (ge)zang(en) van frontman en gitarist HBM Azazil (Black Majesty, Dark Sonority, Vemod) waarbij dat in het geval van het reeds aangehaalde “These foundations of darkness” wel héél hard richting Mayhem’s Attila neigt. Anderzijds is er het geslaagde huwelijk tussen begeesterende en repetitieve – al dan niet tremolo-picking – gitaarriffs en ondersteunende keyboards. Het tempo van drummer ⷚ (One Tail One Head, Aptorian Demon) hoeft hierbij niet continu verschroeiend hoog te liggen zoals het tien minuten durende mid-tempo en van fraaie kippenvelopwekkende gitaarmelodieën voorziene “Nightbound” laat horen. Ondanks de Mayhem-worship in het begin van het nummer ongetwijfeld de beste track van de plaat, hoewel de vier andere songs amper moeten onderdoen. Tegelijkertijd met de release van “Ebony tower” verschijnt er ook een gelimiteerde EP van Lamia Vox waarop twee nummers vol rituele percussie en duistere ambient prijken die ooit voor dit debuut geschreven werden maar er nooit op beland zijn, behalve dan de geheimzinnige en onheilspellende outro van het van psychedelische riffjes voorziene “Labyrinth of dying stars“. Het lange wachten op “Ebony tower” wordt ruimschoots goedgemaakt door de torenhoge (no pun intended) kwaliteit van de vijfenveertig minuten hoogwaardige black die we voorgeschoteld krijgen ook al wordt er meer dan eens een serieus vette knipoog naar “De mysteriis dom sathanas” gegeven. “This isn’t a show, this isn’t a gimmick. This is real Black Metal how it always was meant to be”, dixit MareZe hebben godverdomme gelijk!

JOKKE: 90/100

Mare – Ebony tower (Terratur Possessions 2018)
1. Flaming black zenith
2. Blood across the firmanent
3. These foundations of darkness
4. Nightbound
5. Labyrinth of dying stars

One Tail One Head – Firebirds b/w Prowess

Een luttele elf jaar na haar oprichting maakt het Noorse One Tail One Head zich op voor de release van haar langverwachte debuut “Worlds open, worlds collide”. Naar aanloop daarvan trakteert het viertal ons nu al op de “Firebirds b/w Prowess” maxi single waarop een alternatieve versie van de albumtrack “Firebirds” prijkt en het nummer “Prowess” exclusief voor deze release bewaard werd. De afgelopen jaren ben ik fan geworden van de band – niet in de eerste plaats door de demo’s en EP’s waarvan de laatste ook alweer zes jaar oud is – maar door hun energieke live shows. Hoewel niet altijd even strak, droeg het ietwat chaotische karakter bij aan de reputatie van de band en was het steeds een aimabel schouwspel om te ervaren dat in schril contrast staat met de vele zoutpilaren black metal bands die er de dag van vandaag rondlopen. De energie die live van het podium spat, weet One Tail One Head ook op plaat over te brengen. “Firebirds” klinkt behoorlijk dynamisch waarbij de bas van Andras Marquis T. een belangrijke rol opeist en frontbeest Luctus (Behexen, Dark Sonority, Darvaza, Mare, Ritual Death) nog maar eens laat horen waarom hij één van de beste black metal vocalisten van de laatste jaren is. In de versie die hieronder te horen is, werd het sfeervolle einde weggeknipt. Het is een facet van de band dat we nog niet eerder kenden, maar goed uitdraait. “Prowess” rockt bij aanvang dat het een lieve lust is, maar verkent al snel rustigere wateren waarbij de onderhuidse spanning echter voortdurend op de loer ligt in de vrij repetitieve zwarte meanderende atmosfeer die gecreëerd wordt, maar waarbij het nooit meer tot een uitbarsting komt. Ik smaak de nieuwe richting wel die One Tail One Head hier laat horen. Benieuwd of de langspeler in het verlengde van deze aanpak zal liggen of eerder naar de meer compacte up-tempo songs uit het verleden zal teruggrijpen.

JOKKE: 85/100

One Tail One Head – Firebirds b/w Prowess (Terratur Possessions 2017)
1. Firebirds
2. Prowess

Behexen – The poisonous path

De aandachtige lezer heeft waarschijnlijk reeds opgemerkt dat ik fan ben van alle orkestjes waar de heer Luctus (spilfiguur in de Nidrosian scene) bij betrokken is of was: One Tail One Head, Darvaza, Dark Sonority, Mare, Celestial Bloodshed, Ritual Death, Aptorian Demon, Dødsengel, Kaosritual en Black Majesty. Wat jullie misschien niet weten is dat deze Noor sinds 2009 ook als gitarist actief is bij het Finse Behexen, zij het onder het pseudoniem Kraath. Samen met Azaghal, Horna en Sargeist behoren deze Finnen tot een constante van de Finse black metal scene en met “The poisonous path” verscheen eerder dit jaar een vijfde langspeler. Naast Kraath bestond de line-up van Behexen op deze plaat uit oudgedienden Hoath Torog (vocals), Horns (drums) en Shatraug (gitarist). Die laatste is ondertussen echter met de noorderzon vertrokken, terwijl hij in zijn band Sargeist dan weer grote kuis gehouden heeft en Hoath Torog en Horns aan de deur heeft gezet. Hoewel de drie heerschappen over een blinkende kale knikker beschikken, zit er dus precies een serieuze haar in de boter. Soit, het oude werk van deze duivelaanbidders mocht er best wezen, maar wat Behexen op “The poisonous path” laat horen, is een absolute topprestatie. Een klein uur (!) lang is het genieten geblazen van dynamische, energieke black metal waarbij de tremolo-picking riffs, melodieuze bridges, hakkende breaksblastend drumwerk en in reverb gedrenkte vocalen rond je oren vliegen. Wat opvalt zijn de laaggestemde gitaren, waardoor het riffwerk eerder de boomstamzagende Zweedse death metal tour opgaat (in de chaotische ramstukken van “Chalice of the abyssal water” denk ik zelfs regelmatig aan hun grinding landgenoten van Rotten Sound). Wanneer Behexen de rockende tour opgaat, komt het Deense Horned Almighty dan weer vanachter de hoek piepen. Grof gezegd kan het album in twee stukken opgedeeld worden, waarbij de eerste helft van het album vooral focust op snelheid en agressie (echter zonder koppig aan één stuk door te razen), alvorens in het tweede deel een meer epische kant van hun met corpsepaint bekladde smoel te laten zien met het in het Fins gezongen “Rakkaudesta saatanaan” als episch hoogtepunt. Centraal op het album staat met “Umbra luciferi” een absolute kraker waarbij dynamiek en duivelse schoonheid hand-in-hand gaan. Ook “Luminous darkness” is een knaller, zij het één die zich op doomtempo voortbeweegt en waarbij talloze samples en een sinistere, maar pakkende melodie je in een wurggreep nemen. Moeilijk om hier iets negatief over te zeggen. Behexen staat dan ook tot aan haar knieën in een rottende berg menselijke botten van de slachtoffers die ze met deze prachtplaat heeft gemaakt.

JOKKE: 90/100

Behexen – The poisonous path (Debemur Morti Productions 2016)
1. The poisonous path
2. Wand of shadows
3. Cave of the dark dreams
4. Sword of promethean fire
5. Umbra luciferi
6. Luminous darkness
7. Chalice of the abyssal water
8. Pentagram of the black earth
9. Gallows of inversion
10. Rakkaudesta saatanaan