nordjevel

Horde Of Hel – Döden nalkas

Negen jaar na het opvallend matige “Likdagg” grijpt deze haatdragende band uit het niets met een ijzeren hand naar de keel van iedere muzikant die de troon van ‘snelste blackmetalsound ter wereld’ ook maar durfde benaderen. Nog geen drie seconden diep in het eerste nummer wordt een volledig doortrapt drum- en gitaarsalvo afgeschoten met een quasi ongeziene, woeste razernij die zelfs een doorgewinterde fan meteen op zijn plek weet te zetten. Verderop in “Döden nalkas” trekken de drie Zweden het tempo zelfs op tot 500 Bpm, wat vrijwel meteen doet denken aan de betere speedcore kicks. Het geheel raast je buis van Eustachius op een dikke drie kwartier volledig aan gort, en gezien dat vooralsnog exact de opzet blijkt, moet gezegd worden dat Horde of Hel zijn doel weet te bereiken. Jammer genoeg verliezen de heren soms ook de pedalen en voelt het geheel een beetje inhoudsloos of onbezield aan. Er zijn heel wat tragere intermezzo’s en vreemde, bijna catchy songstructuren terug te vinden ook, zoals de intro van “Totalitarian regime”, die de fans van voornoemde recordhoudende blastbeats niet altijd zullen kunnen smaken, maar het schenkt het oor weliswaar een klein beetje rust. De langspeler zit voorts ook ramvol industrial – synths en gemodificeerde vocals, noise en kille ambient – die zich toch op één of andere manier in de gitzwarte metalen riffs weten te nestelen en daar dan ook nog eens thuis lijken te horen. Of de drie heren hier het warm water opnieuw uitvinden? Verre van, maar het geheel beukt je voorhoofd zo genadeloos tegen de dichtstbijzijnde muur dat je enigszins verweerd maar dankbaar achterblijft. De bandleden deden al heel wat ervaring op bij onder meer In Battle en Nordjevel, maar vooral de toevoeging van echte drums dankzij Nils “Dominator” Fjellström krijgt hier een eervolle vermelding. De man speelde eerder al (op studioalbums en live) bij een slee van gerenommeerde bands als 1349, Dark Funeral, Myrkskog, The Wretched End et al., en het is te merken. Wat een ongebreidelde agressie. Persoonlijk hoogtepunt is de ongefilterde gabber op “No remorse”, dat op zes en halve minuut zonder enige schaamte de nakomeling van een stomende nacht tussen Neophyte en Anaal Nathrakh ter aarde weet te werpen. Lang verhaal kort, dit is Marduk met een flinke injectie amfetamines recht in de aorta. Dit is paarse neonverlichting onder je uitgebouwde Golf, bestuurd door een met corpsepaint bekladde psychopaat. Als ze over negen jaar weer aan een opvolger beginnen, laat hen dan nog nét iets langer over bepaalde songstructuur nadenken – dan kan dat wel eens een échte hit opleveren.

Jules: 82/100

Horde of Hel – Döden nalkas (Blooddawn Productions/Regain Records 2020)
1. Blodets morgon
2. Death division status
3. Visdomen kallas døden
4. Standard nordland
5. Totalitarian regime
6. Total death
7. Holy ash
8. No remorse
9. Livets narkos
10. Of eternity and ruins

Enepsigos – Wrath of wraths

De Noor Anders O. Hansen kennen we als Doedsadmiral van de bands Nordjevel, Doedsvangr en Svartelder. Hij houdt er echter nog een andere band op na die Enepsigos gedoopt werd en verwijst naar de gevallen engel uit het testament van Solomon die van gedaante kan verwisselen. Voor Enepsigos wist de Noor – hier actief als V.I.T.H.R. – drummer Thorns (Darvaza, Fides Inversa en zo veel meer) aan te trekken. Oospronkelijk was de band als studioproject ontstaan wat resulteerde in debuut “Plague of plagues” dat in 2017 via Drakkar Productions verscheen. Het duo wordt nu versterkt door gitarist/bassist Rituul die de opgestapte Straff vervangt en heeft het plan om ook live podia onveilig te maken, zodra dat terug aan de orde is wel te verstaan. Het riffwerk van Rituul is verankerd in Noorse black maar bevat – net zoals bijvoorbeeld de laatste Behexen-plaat – een aan Zweedse death metal ontleende grofkorrelige structuur. Natuurlijk wordt er geramd en geblazen maar een zwaar en heavy downtempo nummer als “Seventh seal” zoekt in de eerste helft eerder doom/death-regionen op waarna Zweeds hakkende drumpatronen het tempo de hoogte insturen om uiteindelijk in knuppeltoestanden en meer technisch gitaarspel uit te monden. Het is een dynamisch en complexer nummer waarin V.I.T.H.R. zijn stembanden in alle uitersten stretcht. Ook in het groovy blastmonster “The whore is the temple” kan de zanger zich uitleven – Attila komt haast even vanachter de hoek piepen – en het is om – net zoals de angstvallig schreeuwende dame die opduikt – schrik van te krijgen. De Gregoriaanse gezangen die “Cups of anger” aftrappen, vallen ook nog positief op maar eigenlijk valt Enepsigos zes nummers lang nergens op een foutje te betrappen, daarvoor is er te veel ervaring binnen de band aanwezig. De high pitched riffs hebben hier een enerverend randje wat doet denken aan Nightbringer. Is u trouwens het artwork van Benjamin A. Vierling al opgevallen? Diens kunstwerkjes prijkten in het verleden ook al menigmaal op die van de vermelde Amerikaanse referentie. Nog even meegeven dat “Wrath of wraths” in de Zweedse Necromorbus Studio vereeuwigd werd en met andere woorden van een puike sound voorzien is. Knappe plaat die een kruisbestuiving van black metal (de helse screams en de haatdragende atmosfeer) en death metal (het bijwijlen groovy riff-werk) laat horen.

JOKKE: 83/100

Enepsigos – Wrath of wraths (Osmose Productions 2020)
1. Shields of faith
2. Confess
3. Seventh seal
4. The whore is the temple
5. Cups of anger
6. Water and flesh

Vredehammer – Viperous

Soms heb je een goede muzikale trap onder je kont nodig en als dat weer eens het geval is, kan ik deze “Viperous” van het Noorse Vredehammer aanbevelen. Multi-instrumentalist Per Valla is de bezieler van dit project en is zeker niet aan zijn proefstuk toe, zo is hij bijvoorbeeld gitarist bij het geweldige Allfader en heeft hij dienst gedaan bij onder meer Abbath en Nordjevel. Vredehammer is inmiddels bij de derde full-length aanbeland en breekt hiermee een beetje met de stijl van de vorige twee albums. Waar “Violator” uit 2016 nog een kwalitatieve mix van death en black metal met vlagen van gitaarvirtuositeit was, klinkt opvolger “Viperous” veel meer als een tornado van metalen scherven die raast door een post-apocalyptisch poollandschap waar toevallig een fabriek uit de jaren tachtig staat. Met andere woorden, retestrakke blackened death metal met ouderwetse industrial invloeden. De nadruk ligt op kille sfeer, genadeloos beukende riffs en verpletterende drums, geweldig ingespeeld door Kai Speidel van o.a. Totengeflüster, maar er is gelukkig nog steeds hier en daar ruimte voor de flitsende solo’s van Valla, zoals in het schitterende “Wounds“. De productie is zwaar, maar toch duidelijk en kil, wat dus perfect past bij het muzikale opzet. Iets wat je reeds hoort bij opener “Winds of dysphoria” en zich verder ontwikkelt tot het tragere, helaas iets mindere laatste nummer “From a spark to a withering flame“. Deze Vredehammer-plaat doet me denken aan een genuanceerde versie van bands als Zyklon of Myrkskog gemengd met een op amphetamines doldraaiend Samael. Great stuff.

Xavier: 90/100

Vredehammer – Viperous (Indie Recordings 2020)
1. Winds Of dysphoria
2. Aggressor
3. Suffocate all light
4. Viperous
5. Skinwalker
6. In shadow
7. Wounds
8. Any place but home
9. From a spark to a withering flame

Svarttjern – Shame is just a word

Na in de eerste zes levensjaren drie demo’s te hebben uitgebracht, gaat het Noorse Svarttjern sinds 2009 resoluut voor langspelers. Via Soulseller Records bereikte ons “Shame is just a word“, de vijfde volwaardige plaat ondertussen al, nadat er vier jaar verstreken sinds voorganger “Dødsskrik“. Svarttjern is zo’n band die ik bij elke plaat wel eens even aandacht schenk, maar nadien al snel in de vergetelheid geraakt. Dit is te wijten aan het feit dat ik het Noorse kwintet als een goede middenmotor beschouw in het drukbezette bataljon aan bands als zijnde Ragnarok (waarvoor zanger HansFyrste ooit twee platen inzong), Nordjevel, Djevelkult en Hovmod. De band kiest immers steevast voor een nogal generieke sound en productie en de muziek wordt volgens het boekje gebracht, maar weet niet te beklijven. Dat de vier musicerende kerels, waarvan er drie in de huidige line-up van Carpathian Forest terug te vinden zijn, kunnen spelen staat buiten kijf, maar waar zijn die pakkende riffs en bovenal de atmosfeer? Het groovende en van een blitse solo voorziene “Ment til å tjene” krijgt me nog wel aan het bewegen en ook de tremolo-riffs in het mid-tempo “Melodies of lust” kunnen ermee door, maar échte krakers blijven uit. In “Ta dets drakt” redt HaanFyrste de song middels zijn gevarieerde vocalen van de middelmaat. Het moge in nummers als “Frost embalmed abyss” en de titeltrack duidelijk zijn dat Svarttjern’s riffraamwerk een hoge dosis rock ’n roll en thrash bevat, getuige ook een coverversie van “Bonded by blood” van Exodus. Voor dit type goed geproduceerde en strak uitgevoerde black metal is zeer zeker een publiek en Svarttjern hoeft zich allerminst te schamen voor deze plaat, maar voor mij mag het toch wat uitdagender, origineler, atmosferischer en afwijkender zijn.

JOKKE: 77/100

Svarttjern – Shame is just a word (Soulseller Records 2020)
1. Prince of disgust
2. Ment til å tjene
3. Melodies of lust
4. Ta dets drakt
5. Frost embalmed abyss
6. Ravish me
7. Bonded by blood
8. Shame is just a word

Hovmod – Doedsformasjon

De Noorse black metal-scene lijdt allesbehalve aan bloedarmoede. Je hebt enerzijds de gevestigde waarden die er vijfentwintig jaar geleden bij waren toen de kerken in brand stonden (en ondertussen al dan niet het noorden kwijt zijn) en er is de voortdurende instroom van vers bloed. Het in 2017 in het Noorse Toten opgerichte Hovmod is zo’n nieuwe band, hoewel de heren Kleven (zang, gitaar en bas) en Ond (drums) ervoor al actief waren onder de naam Gravkors. De bandnaam is Noors voor “hoogmoed”, de eerste en één van de ergste van de zeven hoofdzonden want alle andere zonden komen eruit voort. Het bekendste verhaal over hoogmoed of ijdelheid is het verhaal van Lucifer wiens ijdelheid zijn vertrek uit de hemel veroorzaakte en zijn transformatie in Satan. Benieuwd of in het geval van Hovmod hoogmoed voor de val komt? De snedige en agressieve black knalt in elk geval explosief uit de boxen, maar gaat gebukt onder een té generieke en gepolijste sound. Dat neemt niet weg dat er best wel wat heerlijke riffs en melodieën passeren, ook al hebben we deze al honderd keer gehoord. Het duo verstaat de kunst van dynamiek en dat voortdurend tegen 200 km/uur blasten afstompend werkt, wat echter niet wegneemt dat het tempo doorgaans aan de hoge kant is. Tegenover snelheidsmonsters als het niets verbloemende “Total krig” of het haatvolle “Hatskapt” staat dan weer een meer grimmige mid-tempo song als “Blodsbaand waar we Taake in horen ronddwalen of het hoekige “Evig mistru” dat naar Svartsyn neigt, een referentie die steeds positief bedoeld is. Hovmod vist in de overbevolkte vijver waar landgenoten als Nordjevel, Ragnarok, Svarttjern en Djevelkult ook in rondzwemmen, maar overtreft deze subtoppers wat mij betreft doordat er best de nodige aanstekelijke riffs en melodieën voorbijvliegen.

JOKKE: 78/100

Hovmod – Doedsformasjon (Dusktone 2019)
1. Total krig
2. Doedsformasjon
3. I grevens tid
4. Blodsbaand
5. Hatskapt
6. Evig mistru
7. Maktdemon
8. I endens kapittel

Doedsvangr – Satan ov suns

Als je de heren Shatraug (Sargeist, Horna, Behexen en een peloton andere bands), AntiChristian (o.a. Tsjuder en Isvind) en Doedsadmiral (Nordjevel) samen een potje muziek laat maken, weet je van tevoren al dat het resultaat geen balverschrimpelende power metal zal zijn, maar ouderwets klinkende black. Voor deze Noors/Finse-collaboratie zou in theorie het predicaat “superband” van onder de mottenballen gehaald mogen worden. In theorie, want de praktijk leert ons dat het samenbrengen van muzikanten die hun sporen al dubbel en dik verdiend hebben, toch niet altijd tot muzikaal vuurwerk leidt. In het geval van Doedsvangr valt het allemaal wel mee. Natuurlijk kennen de heren het klappen van de zweep en beheersen ze hun instrumenten tot in de puntjes, maar het wordt slechts zelden écht spannend op dit debuut. We horen veelal uptempo black à la Dark Funeral, hoewel het trio wel weet dat ze op tijd en stond ook eens wat gas moeten terugnemen (o.a. in de titeltrack), want dat een blastfestijn van meer dan vijftig minuten anders al snel gaat vervelen. Het dynamische “Black dawn” steekt met haar aanstekelijke riffs boven de middelmaat uit en ook “Black sun nimbus” weet te bekoren, maar dan zijn we spijtig genoeg reeds bij het laatste nummer aanbeland. Doedsvangr brengt zijn black te veel volgens de regels van het boekje en mede door de te proper en modern klinkende productie (o.a. machinaal klinkende bassdrums) en de eentonige doordeweekse screams van Doedsadmiral, is dat onvoldoende om boven de grijze massa uit te stijgen. Het surrealistische artwork spring dan weer wel in het oog. Hier had toch wel wat meer ingezeten als je het mij vraagt.

JOKKE: 75/100

Doedsvangr – Satan ov suns (Immortal Frost Productions 2017)
1. Our lord cometh!
2. Rituals
3. Doedsvangr
4. Black dawn
5. Northern watchtowers
6. Diaboli
7. Gnashing of teeth
8. Breath of lucifer
9. Throne of black illumination
10. Blood whores
11. Black sun nimbus

The Ugly – Decreation

Afgaande op de bandnaam zou je deze Zweden in het punk/crust-hoekje plaatsen terwijl het logo dan weer eerder op een thrash metal band zou wijzen, maar niets van dit alles is waar, want The Ugly is een black metal eskadron waarbij de kanonnen, mortieren en houwitsersalvo’s afgevuurd worden door Fredrik Widigs, de huidige Marduk drummer. Dit snelheidsmonster lijkt trouwens de nieuwe drumslet in black metal land te zijn want naast de eerdergenoemde bands heeft hij ook juist platen opgenomen met het Zweedse Kadaverdisciplin en het Noorse Nordjevel, twee beloftevolle black metal orkestjes die hier ten gepaste tijde wel zullen passeren. Een andere link met Marduk is diens bassist Magnus Devo Andersson die de plaat in zijn Endarker Studio mixte en zich hierbij goed van zijn taak kweet waardoor de voor 95 procent full speed ahead black metal goed te volgen is en stevig uit je speakers knalt. Het retestrakke Zweedse black metal geweld in opener “I am death” doet meteen al het oorsmeer uit je oren spatten. Het daaropvolgende “Black goat” zou niet misstaan op een plaat van 1349 maar Dark Funeral en Setherial gelden ook zeker als referentiekader. Dat Fredje een meer dan aardig potje kan drummen wisten we natuurlijk al van het geweldige “Frontschwein”, maar daar waar er bij Marduk op tijd en stond wat gas terug genomen wordt, ligt de nadruk bij The Ugly toch nog ietsje meer op het snelle blast- en hakwerk, waardoor de nummers onderling moeilijk te onderscheiden zijn en de plaat in zijn geheel wat te leiden heeft onder ééndimensionaal geram. Het lekkere “Cult of weakness” is veruit de traagste track, maar verwacht hier nu geen Bon Jovi ballad. Op tekstueel vlak draaien de nummers om de vernietiging van het universum en Lucifer. Of “Decreation” een meerwaarde is voor de ontelbare zwartmetalen platen die er reeds uitgebracht werden, mag je zelf bepalen. Voor mij niet althans. Snelheidsmaniakken mogen gerust een tiental punten bij de score optellen.

JOKKE: 72/100

The Ugly – Decreation (Vicisolum Records 2015)
1. I am death
2. Black goat
3. Legio mihi nomen est
4. Crawl
5. Cult of weakness
6. Slumber of the god
7. Decreation
8. Nibiru
9. Lögnerna till aska