ultha

Hope Drone – Void lustre

Vier jaar na de release van “Cloak of ash“, die we destijds een dikke score gaven, keert het uit Brisbane, Australië afkomstige Hope Drone terug met een opvolger genaamd “Void lustre“. De vorige langspeler was met zevenzeventig minuten speeltijd een monolithische plaat en ook nu weer koos het kwartet niet voor een snelle oplossing want “Void lustre” klikt ook op meer dan een uur speeltijd af. Ondanks het feit dat het schrijfproces niet van een leien dakje liep, zijn de ingrediënten nog steeds dezelfde gebleven. Hope Drone zoekt immers het spanningsveld op tussen woeste black metal-uitspattingen, bulderende en slepende sludge en weids klinkende post-rock melodieën. De Australiërs zijn nog steeds op zoek naar een hoopvolle catharsis wat zich uit in de vele meditatieve rustigere en meer atmosferische passages, maar de existentiële wanhoop blijft onderhuids aanwezig en komt tot uiting wanneer de gas- en effectenpedalen ingedrukt worden of wanneer de oorverdovende dronende pulsen als woeste golven op je inbeuken. De dichtgepakte sound is afkomstig van de Underground Audio Studio alwaar Hope Drone naar gewoonte samenwerkte met Christopher Brownbill. De mastering was in handen van Mell Dettmer die reeds eerder voor bands als Earth, SunnO))) en Wolves In The Throne Room werkte. Dit type post-black is ondertussen al even uitgemolken als FC De Kampioenen, hoewel liefhebbers van Downfall Of Gaia, Isis, Ultha of Fall Of Efrafa hier waarschijnlijk wel nog steeds wild van worden. “Void lustre” is dan ook een zeer degelijk werkstuk, maar omdat de melodieuze uitspattingen me net wat minder raken, zit er deze keer geen “negen” in.

JOKKE: 81/100

Hope Drone – Void lustre (Moment Of Collapse Records 2019)
1. Being into nothingness
2. Forged by the tide
3. In floods & depths
4. This body will be ash
5. In shifting lights

Pa Vesh En – Pyrefication

Onze Wit-Russische vriend van Pa Vesh En is erin geslaagd om (op Ultha na) de meest beschreven artiest op Addergebroed te zijn. Een output van maar liefst zeven releases op iets meer dan twee jaar tijd is hier debet aan. Hoewel het geluid dat de man produceert overduidelijk als ruwe black metal gecatalogiseerd wordt, zijn er tussen de releases onderling toch subtiele nuances hoorbaar. Maar dan moet je wel al over een sterk getraind paar oren beschikken want wie graag van afgelikte black houdt, zal hier niet veel mee aan kunnen vangen. Op zijn tweede langspeler “Pyrefication” horen we veertig minuten lang een mix tussen de ultra-gewelddadige hysterie van de voorgaande EP “Cryptic rites of necromancy” en het meer duistere oude werk. In “Wastelands of plague” horen we onze illustere Einzelgänger simultaan heldere en krijsende vocalen uit zijn strot persen, wat volgens mij de eerste keer is dat we dat horen op een Pa Vesh En-plaat. De experimenteerdrift gaat nog een stapje verder in “A cacophony of spiritual transition“, waarin een soort van duistere keelzang het nummer aftrapt. Doorheen “Call of the dead” en “Pyre of the forgotten” sleept zich een verwrongen melodische en melancholische gitaarlead voort, een aangenaam gegeven dat voor contrast zorgt met de rauwe en gure klanken van een nummer als “Grotesque abomination“, een titel die deze vier minuten durende duivelse grafherrie perfect weet te omschrijven. Het fijne aan Pa Vesh En is dat zijn grote output op een korte tijdspanne niet gelijkgesteld is aan kwaliteitsverlies. In tegendeel, ik vind zijn werk steeds beter en beter worden.

JOKKE: 80/100

Pa Vesh En – Pyrefication (Iron Bonehead Productions 2019)
1. …in the ghostly haze
2. Wastelands of plague
3. Call of the dead
4. A cacophony of spiritual transition
5. Grotesque abomination
6. With splendor of the night
7. Fog of death
8. Pyre of the forgotten

Friisk – De doden van ’t waterkant

Laat je niet misleiden door de Nederlandstalige titel van Friisk’s eerste EP, want de heimat van deze jonge black metalband ligt in buurland Duitsland, het stadje Leer meer bepaald, dat deel uitmaakt van Oost-Friesland en waar Nederduits, een mengeling van Duits en Nederlands, gesproken wordt. Dat verklaart meteen ook de bandnaam (voorheen was viervijfde van de band actief in Friesenblut, wat ook een verwijzing naar Friesland is). De zeegeluiden uit de intro leggen meteen de link met de titel en stuwen naar de échte opener “Ægir“. Een vloedgolf blijft echter uit want dit nummer start vrij rustig totdat een old school riff rond de tweeminutengrens het boeltje toch nog in de fik steekt. Zanger T kan heel wat aan met zijn stembanden en produceert semi-cleane uithalen, verhalend gefluister, hese meer death metal-achtige vocalen en hoog Drudkhiaans gekrijs. Tussen het tremelogeweld schemeren heidense invloeden en melodieën door, gelukkig zonder dansbare polonaisetoestanden op te wekken. Afsluiter “Kein Heiland” wisselt mooie melodische riffs af met een strijdlustige heroïek. De fellere stukken van het acht minuten durende “Dämmerung” neigen wat naar landgenoten Ultha. Het feit dat diens Andreas Rosczyk de mix en mastering verzorgde, draagt hier misschien ook wel tot toe bij. De basdrum mist echter wat power en klinkt in de rustige passages van dit nummer vrij plat en hol. Voor de rest is dit Deutsche gründlichkeit en dus zeker geen onaangename eerste kennismaking.

JOKKE: 75/100

Friisk – De doden van ’t waterkant (Vendetta Records 2019)
1. Flut
2. Ægir
3. De doden van’t waterkant
4. Dämmerung
5. Kein Heiland

Naxen – To abide in ancient abysses

Naxen is een vierkoppig black metal gezelschap uit Münster in Noordrijn Westfalen, aangeprezen door hun Ultha-vriendjes. En dan checken we dat natuurlijk uit! Naxen bracht eind vorig jaar een eerste cassettedemo uit die door Ultha’s Andy Rosczyk geremastered werd om begin 2019 door Vendetta Records in een vinyljasje gestoken te worden. “To abide in ancient abysses” bevat twee songs die gezamenlijk een zeventiental minuten omspannen. Geen duivelaanbidding en Satanische rituelen hier, maar teksten die handelen over de tekortkomingen van de mensheid, diens tragedies, wandaden en falen. Naxen’s black varieert tussen mid- en uptempo black met in “Great Gof of grief” ook een semi-akoestische passage vol melancholie. Het geluid van Ultha ligt nooit veraf, zeker de geremasterde versie. De originele tape klinkt wat scheller en voelt daardoor meteen ook Noorser aan. “Dawn of new despair” is wat venijniger en bevat he(me)lse gitaarmelodieën die een brede grijns op mijn tronie toveren. Wanneer er gas teruggenomen wordt, schemeren sludgy invloeden doorheen de black. “To abide in acient abysses” kreeg een moderne sound aangemeten die fans van het reeds eerder aangehaalde Ultha of USBM-acts zoals Ayr en Worsen zou moeten kunnen aanspreken.

JOKKE: 82/100

Naxen – To abide in ancient abysses (Vendetta Records 2019)
1. Great God of grief
2. Dawn of new despair

Woe – A violent dread

Twee jaar na het uitstekende “Hope attrition” keert het Amerikaanse Woe terug met een twee songs tellende EP getiteld “A violent dread“. Oorspronkelijk was de idee om het titelnummer te bundelen met een song van Ultha, maar dat is uiteindelijk niet gebeurd. De line-up van Woe is voor een keer eens niet gewijzigd wat de band hoorbaar ten goede is gekomen. De negen minuten durende titeltrack is een typisch Woe nummer dat veel dynamiek laat horen waarbij agressieve riffs en melodieuze leads mooi hand in hand gaan en waarbij drummer Lev Weinstein zowat alle tempo’s uit zijn drumstokken en benen perst. Vooral het pakkende einde zit verdraaid knap in mekaar en doet het hoofdje mee beuken op de golvende riffs. Tekstueel gezien geeft Woe commentaar op geweld dat het gevolg is van wapenbezit en dan vooral de mass shootings in Amerika. Bij wie al wat langer meedraait in de scene zal er ongetwijfeld een belletje rinkelen bij de songtitel “The knell and the world“, de tweede song die op deze EP prijkt. Het betreft hier immers een coversong van het openingsnummer van “Slaughtersun (Crown of the triarchy)” van Dawn. Deze ondergewaardeerde meesters van Zweedse black zijn blijkbaar altijd al een invloed geweest op Woe, hoewel de Zweedse invloeden voor mij persoonlijk niet zo duidelijk hoorbaar zijn in hun sound. Toch past het nummer perfect in hun oeuvre. “A violent dread” is een sterke EP met een speelduur van net geen twintig minuten die bovendien heel knap vormgegeven werd. Het aanschaffen waard!

JOKKE: 82/100

Woe – A violent dread (Vendetta Records 2019)
1. A violent dread
2. The knell and the world

Vanum – Ageless fire

We zijn nog aan het bekomen van “Sacrifice“, de nieuwe release van Ruin Lust, of daar is Michael Rekevics al weer. Deze keer laat hij van zich horen in de vorm van Vanum, de band die de drummer (maar zeg gerust ook multi-instrumentalist) in 2014 samen met Kyle Morgan (Ash Borer, Predatory Light, Superstition) oprichtte. We zijn na het sterke debuut “Realm of sacrifice” uit 2015 en de twee jaar geleden verschenen EP “Burning arrow” ondertussen bij de tweede langspeler “Ageless fire” aanbeland waarop het duo naar een kwartet is uitgegroeid doordat de voormalige live-muzikanten E. Priesner en L. Sheppard nu als permanente leden aan boord getrokken zijn. Het debuut liet een sombere insteek horen met een focus op texturen en traag opbouwende dynamiek terwijl op de EP meer invloeden uit de klassieke Helleense scene verkend werden. Platen zoals Rotting Christ’s “Triarchy of the lost lovers” en “Walpurgisnacht” van Varathron vormen nog steeds een inspiratiebron maar ook het majestueuze en triomfantelijke van een Bathory waart doorheen de zes songs. Het album handelt over de brutaliteiten van oorlog voeren maar ook over – hoe raar het soms kan klinken – de schoonheid die erin ontdekt kan worden. De toon wordt gezet middels de instrumentale opener “War” waarin de spanningsboog langzaamaan opgespannen wordt om vervolgens middels “Jaws of rapture” een salvo aan in-vuur-gedrenkte pijlen op de luisteraar af te vuren. De vurige tremolo riffs vallen uit de hemel op je neer en het is wanhopig zoeken naar een veilige plek om aan dit helse bombardement te ontkomen. Naarmate de song vordert vinden we gelukkig een schuilplaats in de meer melodieuze passages waarin keys opdraven die wat ademruimte inbouwen tussen de goed geplaatste gitaarsolo’s. “Eternity” klokt op meer dan tien minuten af en bevat een Agallochiaanse melodieuze lead die dwars doorheen de eerste helft van het nummer klieft totdat ze moederziel alleen overblijft. De spanning wordt opnieuw gestaag opgebouwd waarbij majestueuze black een nieuwe mood switch inluidt. De triomfantelijke door keyboards ondersteunde epiek wordt verder doorgetrokken in “Under the banner of death” totdat na een drietal minuten de vocalen invallen en “Under the banner of death I am alive” scanderen. De blaffende, nogal vlakke zang zal misschien niet iedereen kunnen bekoren en staat bij momenten in schril contrast met het erg melodieuze karakter van de muziek. De emotionele geladenheid is echter torenhoog, iets waar de met veel gevoel uitgevoerde solo’s en minutieuze keyboardpartijen toe bijdragen. Alvorens “Erebus” de plaat op een introspectieve instrumentale wijze een halt toeroept, is er nog de titeltrack die opnieuw uitblinkt in een pakkende mix van adembenemende melodie en razernij waarin de eerder aangehaalde Griekse invloeden duidelijk naar voor komen. Vanum gaat heel wat nieuwe zieltjes veroveren met deze geweldige nieuwe schijf. Een tour met Ultha zou in de maak zijn. Mooi, dan kunnen de Amerikanen hun overrompelende Roadburnset van twee jaar geleden herhalen. Dat belooft!

JOKKE: 90/100

Vanum – Ageless fire (Profound Lore Records 2019)
1. War
2. Jaws of rapture
3. Eternity
4. Under the banner of death
5. Ageless fire
6. Erebus

Ultha – The inextricable wandering

Na een mooi underground-parcours te hebben afgelegd via Vendetta Records, is het grote Century Media de nieuwe thuisbasis geworden van Ultha, zowat dé beste band die de black metal-scene van onze oosterburen te bieden heeft. “Black” is in dit geval echter een groot woord (dixit de band zelf) want hoewel het kwartet puurt uit de duisternis van het genre gaat het echter niet de religieuze, occulte of orthodoxe tour op. En qua sound vindt Ultha zichzelf dichter aanleunen bij post-punk en darkwave dan bij een Darkthrone of Marduk. De nieuwe derde langspeler “The inextricable wandering” draait om melancholie, alomtegenwoordige droefheid en hopeloosheid. Gitarist/zanger en songschrijver Ralph Schmidt bevond zich tijdens het schrijfproces van de plaat dan ook in de zes zwaarste maanden van zijn leven. Als promopraatje voor een metalplaat is een gekwelde ziel natuurlijk altijd mooi meegenomen, maar wie de beste man kent, weet dat dit welgemeende ernst is. Ook angst vormt een rode draad doorheen de plaat. Elk van de zes nummers handelt over een angstpatroon en de gevolgen die Ralph daarvan ondervond. De zesenzestig minuten durende rit is als het ware een dagboek geworden van de algemene angsten die de muzikant voelde en alle rotzooi die hij de afgelopen maanden heeft doorgemaakt. “The inextricable wandering” gebruikt herhaling en repetitieve elementen als grootste kracht en het resultaat klinkt in de magistrale achttien minuten durende afsluiter “I’m afraid to follow you there” hypnotiserend, emotioneel beklijvend en introspectief. In de overrompelende partijen van binnenkomer “The avarist (Eyes of a tragedy)” klinkt het viertal dan weer roofzuchtig en bijtend agressief. In de donkere spleten van Ultha’s sound, waar insecten thuishouden en nachtmerries zich manifesteren, horen we echo’s van Emperor, Wolves In The Throne Room, Fields Of The Nephilim en Neurosis. De darkwave waarover we het eerder hadden, komt duidelijk naar voor in songs als “There is no love, high up in the gallows” en “We only speak in darkness” dat ook wel wat recente Tombs uitademt. Standaard black metal-elementen zoals blast beats, gure riffs en ijzige screams komen er in deze nummers niet aan te pas; duisternis en desolaatheid des te meer. Ook in de riffs van “Cyanide lips” snappen we het statement van de band aangaande post-punk en horen we best wel wat Planks terug, de oude band van Ralph. Ultha heeft zich met “The inextricable wandering” opnieuw overtroffen en verkent duidelijk nieuwe paden ten opzichte van de reeds geweldige voorganger “Converging sins“, hier kunnen we alleen maar respect voor hebben. Misschien dat sommigen echter wel teleurgesteld gaan zijn daar er iets minder échte black metal-stukken te horen zijn, hoewel deze puristen met het keizerlijke “With knives to the throat and hell in your heart“, waarin triomfantelijke keys heel wat speelruimte krijgen, toch serieus aan hun zwartgeblakerde trekken zullen komen. Het onvolprezen Ultha levert opnieuw jaarlijstmateriaal af!

JOKKE: 90/100

Ultha – The inextricable wandering (Century Media 2018)
1. The avarist (Eyes of a tragedy)
2. With knives to the throat and hell in your heart
3. There is no love, high up in the gallows
4. Cyanide lips
5. We only speak in darkness
6. I’m afraid to follow you there