Met “Rustling heaving” zet het Antwerpse instrumentale metalduo Marshes Hew meteen een opvallend visitekaartje neer. Wat begon als een nostalgische reünie tussen jeugdvrienden Bruno Morez en Matthias Meersmans — ooit actief in obscure black/deathformaties en later in meer experimentele projecten zoals Codasync en Grovgast — mondt hier uit in een geslaagde debuutdemo die zowel ruwheid als muzikale maturiteit uitstraalt.

De demo opent met “Rattlemarks”, een track die meteen de kern van Marshes Hew blootlegt: een dynamisch spanningsveld tussen duwende grooves en sleurende blackmetalriffs, waarin zo nu en dan wat mid-era Darkthrone (denk aan “Ravishing grimness“) flair voorbij komt waaien, gebracht met een opvallend live-gevoel. Dat laatste is geen toeval. De basis van de vijf nummers werd live in amper één studiosessie en maximum drie takes per song opgenomen, en dat hoor je. De muziek ademt, schuurt en beweegt op een manier die tegenwoordig zeldzaam is in een genre dat vaak verdrinkt in digitale perfectie.

Stilistisch beweegt het duo zich ergens tussen Noorse blackmetalkilte, de agressie van Amerikaans doodsmetaal en Britse doomy zwaarte, maar het is toch vooral het zwartgeblakerde instinct van de heren dat de overhand neemt. Ondanks de mengelmoes aan invloeden voelt “Rustling heaving nergens als een pastiche. Integendeel: de stripped-down aanpak — één gitaartrack, geen overdubs, een nadruk op riffs en groove — geeft de songs een bijna rockachtige directheid. Vooral Ridge whirl blinkt uit in dat opzicht: een swingende compositie die zich langzaam vastbijt en pas loslaat wanneer de laatste noot is weggestorven.

Aan de andere kant van het spectrum staat Gorge hiss, dat met zijn thrashende energie en kortere speelduur als een mokerslag fungeert binnen de tracklist. Het is echter in de langere stukken dat Marshes Hew echt zijn ambities toont. “Feral pallor schakelt moeiteloos tussen tempo’s en sferen zonder geforceerd te klinken, terwijl afsluiter “Brittle glades” — een episch nummer van meer dan tien minuten — het volledige bereik van het duo verkent: van doomy mid-tempo passages tot blastbeat uitbarstingen en weer terug.

Wat deze demo vooral sterk maakt, is de balans tussen detail en spontaniteit. De composities zijn duidelijk doordacht, maar verliezen nooit hun menselijke randje. Subtiele dynamische verschuivingen en de voelbare interactie tussen gitaar en drums geven het geheel een organisch karakter dat perfect aansluit bij de natuurthematiek die de band uitdraagt.

Gedurende 35 minuten presenteert Marshes Hew zich als een band die haar verleden kent, maar niet gevangen zit in nostalgie. “Rustling heaving” — te scoren als old-school demotape — is een veelbelovende eerste worp die bewijst dat minimalisme in metal nog steeds verrassend krachtig kan zijn, mits gebracht met overtuiging, vakmanschap en een duidelijke visie. Morgen presenteert Marshes Hew “Rustling heavy” integraal op hun releaseshow in Radio (z)Onderdak in Borgerhout. Aan zang heeft het duo een broertje dood, maar laat dat de pret vooral niet drukken!

JOKKE: 80/100

Marshes Hew – Rustling heaving (Grovgast Enterprises 2026)
1. Rattlemarks
2. Ridge whirl
3. Feral pallor
4. Gorge hiss
5. Brittle glades