black metal

Marras – Where light comes to die

Those who do not remember the past are condemned to repeat it“. Deze spreuk van de Spaans-Amerikaanse schrijver, dichter en filosoof George Santayana prijkt als omslagfoto op de Facebookpagina van Marras. The past is in elk geval ook alive, want deze nieuwe Finse band heeft de blik op het verleden gericht. Koorknaapjes zijn deze muzikanten echter niet, want ze hebben al heel wat ervaring opgelopen in bands als Vargrav, Förgjord, Nekrokrist SS en Mimorium. “Where light comes to die” is hun debuut en of het een noemenswaardige bijdrage aan de Finse scene is, komen jullie hierna te weten. Als we de vier prologen die grotendeels uit akoestische klanken en spoken word samples bestaan achterwege laten, blijven er nog zes échte black metal nummers over. Alhoewel, “Transition of the lightless path” is een instrumentale song die triomfantelijke keyboardklanken als bouwstenen heeft. Toetsen worden met andere woorden niet geschuwd en weten zelfs de snelle, haatvolle black metal van het titelnummer op te fleuren. De gure riffs, de Finse melancholie, de sappige screams, … alle ingrediënten voor een potje haatvolle Finse black zijn aanwezig, maar er lopen betere bands in het Land van de Duizend meren rond dan dit nieuwe Marras. Slecht is het allemaal niet, maar omwille van de vele intermezzi komt “Where light comes to die” nogal fragmentarisch en magertjes over.

JOKKE: 70/100

Marras – Where light comes to die (Spread Evil 2019)
1. Prologi (Guidance)
2. Overture of the lonely journey
3. Lifeless sculptures
4. Prologi (Faith)
5. Sea of trees
6. Prologi (Damnation)
7. Transition of the lightless path
8. Where light comes to die
9. Prologi (Desolation)
10. Chamber of penance


Qayin Regis – Doctrine

Qayin Regis is de zoveelste band die in het orthodoxe black metal-genre het verschil wil proberen maken. Hoewel de jongens al sinds 2006 met de ideologische ideeën voor deze band rondliepen, duurde het nog ruim een decennium vooraleer het concreet werd voor Sovereign Pontiff Aheraaz (gitaar en bas) en Sublime Tirannus of Vedma (zang, ambient). Als trommelaar werd Patriarch Venerable Saturn aangetrokken. Hun paspoorten gooien ze niet zo maar te grabbel en ideologisch gezien draait het hier om hun fascinatie voor de dood (zie ook het artwork), spirituele gnostiek, Spaanse zwarte magie en the left hand path. In 2017 verscheen de “Blackthorn” EP en nu verschijnt het debuut “Doctrine” waarop vier songs prijken, goed voor drie kwartier orthodoxe black inclusief antieke armaturekes, kandelaars, botten en schedels en het sacrale parfum van mirre. Ik moet de heren nageven dat ze best weten hoe een spanningsboog op te bouwen en ook de atmosferische stukken die tussen de snedige black metal zijn ingeweven weten een rituele toon neer te zetten. In het akoestisch gitaarwerk van een nummer als “Neenia ataecina” schemeren Spaanse invloeden door wat steeds een extra pluspunt is als de eigen leefomgeving en achtergrond in de muziek terug te horen zijn. In hun meest overweldigende momenten hoor ik echo’s van een band als Nightbringer terug, zonder de snerpende riffs dan. “Yee naaldlooshii” flirt met gotisch aandoende cleane gitaarlijnen, maar weert ook de meer old school riffs niet. Nu is het niet al black wat de klok slaat want de band balanceert regelmatig op de slappe koord tussen black en death metal. De vocalen weten te bezweren en vullen de ruimte met hun mystieke betoveringen. De Moontower Studios in Spanje zijn zowat de tegenpool voor de Necromorbus Studio uit Zweden en elke band die hier passeert kan op haar twee oren slapen wat betreft een uitstekende productie. Sterk spul voor liefhebbers van Shrine Of Insanabilis, Ascension, Acherontas, Nightbringer en consoorten.

JOKKE: 83/100

Qayin regis – Doctrine (BlackSeed Productions 2019)
1. Via sincretica obscura
2. Yee naaldlooshii
3. Neenia ataecina
4. Deo aironis

Lifvsleda – Manifest MMXIX

Wie geil wordt van een lekker potje Zweedse black, zit bij het eveneens Zweedse Shadow Records gebeiteld. Het label van Marcus Tena (ex-Triumphator) heeft een duivels pact gesloten met tal van Zweedse underground grootheden zoals Triumphator, Sorhin, Setherial, Abruptum, Allegiance, Marduk, Ofermod en ga zo maar door, maar heeft ook een neus voor nieuw Zweeds talent. Dat bewees het label recent nog met bijvoorbeeld Ultra Silvam. Met Lifvsleda heeft Marcus opnieuw een interessante nieuwe band opgevist, hoewel de individuen achter Lifvsleda reeds sinds de gloriedagen van de vroege Scandinavische black metal actief zijn. Zo zou o.a. Sorhin’s Nattfursth de vocalen hier voor zijn rekening nemen. De band speelt naar eigen woorden death worshipping Swedish black metal, daar laat de zeis in het bandlogo, ontworpen door Malign’s Mörk, ook geen onduidelijkheid over bestaan. Over het opnameproces krijgen we nog mee dat deze vier eerste nummers, die onder de noemer “Manifest MMXIX” de deur uitgaan, op kapotte instrumenten in de uitgestrekte Zweedse bossen en onder het licht van de maan werden ingespeeld. Lifvsleda is er in elk geval in geslaagd om de ronddwalende geesten uit het verleden te capteren en in pakkende nummers te gieten. De productie is rauw, zonder bijtend of snerpend te zijn, met heerlijke basloopjes die zich tussen de dodelijke riffs murwen. Nattfursth braakt, krijst en gorgelt de Zweedse teksten uit zijn systeem alsof zijn leven ervan afhangt. De tempo’s variëren van mid- tot up-tempo met heel wat oog voor dynamiek en in “II” zorgen donderende accenten op de floor tom voor een onbehaaglijk gevoel alsof er een apocalyptische storm op komst is. Ook dat typische Zweedse melancholische gevoel is aanwezig en druipt van een nummer als “III” af. “IV” weet dan weer middels duistere ambient en verhalende samples een creepy nocturnale grafstemming neer te zetten. Intrigerende EP die mijn innerlijke vlam voor gemene Zweedse black keer na keer een kwartier lang weet aan te wakkeren. Memento mori!

JOKKE: 87/100

Lifvsleda – Manifest MMXIX (Shadow records 2019)
1. I
2. II
3. III
4. IV

Gaua – Feeble psychotic vortex

Vergeleken met Portugal hinkt de Spaanse black metal-scene toch nog een beetje achterop. Gaua probeert daar verandering in te brengen. Het betreft een nog vrij jonge band die in 2015 werd opgericht en later dat jaar een demo op de markt smeet (“Unearthly sorrowed visions“). In 2018 volgden een split met het Baskische Ur en een EP getiteld “Feeble psychotic vortex” die via Altare Productions op CD en LP verscheen. Écht nieuw is deze 37 minuten (!!) durende EP dus niet, maar vermits ie via Nebular Carcoma nu ook een derde leven op tape krijgt en wat we hier te horen krijgen best overtuigend klinkt, besloten we deze release toch nog even onder de aandacht te brengen. Adepten van Finse bands genre Sargeist (wegens de schurende grimmigheid en de openingsriff van “Schlitze” die wel heel veel wegheeft van diens “Satanic black devotion“) dienen de oren te spitsen voor Gaua. Hun black wordt verder à point gehouden middels een mengelmoes aan slepende melodieuze partijen en leads (finale van “Misfortune“), punky uitbarstingen, marcherende ritmes en Urfaustiaanse psychedelica wanneer de vocalen in “Second lament of a star” de semi-cleane tour opgaan. Wat een heerlijk intoxicerend nummer! De rockende partijen in combinatie met de grauwe screams ademen ook een zekere Nachtmystium-vibe uit. Dit alles verpakt in drie lange songs. Als toetje krijgen we nog een herwerking van het Vlad Tepes’ oudje “Drink the poetry of the Celtic disciple“, dat met zijn veertien minuten speeltijd eerder een ‘dessert deluxe’ is en met een minder ruwe sound dan het origineel laat zien dat dit best een gave compositie is. De aangehaalde referenties zouden jullie in staat moeten stellen een goed beeld te krijgen van dit “Feeble psychotic vortex” dat enerzijds vanuit een basis van traditionele grimmige black vertrekt maar daar toch ook talrijke melodieuze extra’s aan toevoegt.

JOKKE: 81/100

Gaua – Feeble psychotic vortex (Nebular Carcoma 2019)
1. Misfortune
2. Schlitze
3. Second lament of a star
4. Drink the poetry of the Celtic disciple (Vlad Tepes cover)

Bölzer – Lese majesty

In 2016 verraste het Zwitserse Bölzer vriend en vijand op “Hero” met heel wat heldere zang die de aanhang resoluut op een Mozes-en-de-Rode-Zee wijze in twee splitste. We zijn nu drie jaar later en KzR (zang en gitaar) en HzR (drums) hebben ondertussen de touwtjes rond het uitbrengen van hun releases volledig in eigen handen middels hun label Lightning & Sons. Het eerste nieuwe wapenfeit biedt zich aan in de vorm van de vier songs tellende EP “Lese majesty” die al bij al toch op een klein half uur afklokt. Wanneer “A shepherd in wolven skin” uit de boxen knalt, krijgen we die signature loodzware sound vol onorthodox gitaarwerk en schedelsplijtend drumwerk te verteren waarvoor het duo gekend staat. Het nummer kent een heerlijke groove, HzR tovert een heel arsenaal aan drumritmes uit zijn mouw en opnieuw duiken daar die fel bekritiseerde cleane vocalen weer op. KzR is nog steeds geen wereldzanger en de eerste keer is het altijd even de wenkbrauwen fronsen, maar uiteindelijk vind ik die heroïsche zangpartijen eigenlijk niet meer weg te denken uit Bölzer’s sound. Ze zorgen voor een dynamisch luisterspel met de nog steeds grotendeels woest gezongen en gebrulde teksten die deze keer de bombastische heroïek achter zich laten en een eerder ketterse insteek hebben. Enkele helder gezongen zanglijnen geven een catchy twist aan de voor de rest moeilijk verteerbare brok extreme metal. Na het ambient rustpunt “Æstivation” laat Bölzer in “Into the temple of spears” zien dat het nog steeds woeste lawines doorheen de Zwitserse berglandschappen kan ontketenen en tijdens de blastpassages waait een zwartgeblakerde orkaan doorheen de donderende doodsmetalen riffs. Onheilspellende spoken word samples voegen nog een extra shotje complete duisternis aan het nummer toe. “Ave Fluvius! Danu be praised” klokt op een epische twaalf minuten af maar bevat een iets te lange dronende aan- en uitloop die verder ook niet veel toevoegt aan deze compositie. Verder zie je KzR zo voor je op één of andere besneewde Zwitserse bergtop in imposant ontbloot bovenlijf en met een woest swingende aks in de hand de goden tarten. Bölzer gaat stug haar eigen weg en dat is lovenswaardig. Aan restrictieve dogma’s en oubollig elitarisme hebben deze heren duidelijk het schijt. Op 11 december doet Bölzer ons landje nog eens aan met de interessante package die in de Antwerpse Zappa neerdaalt en verder nog uit de Noorse excentriekelingen Dødheimsgard, de Poolse blackies Blaze Of Perdition en het death/speed metal combo Matterhorn is samengesteld. Allen daarheen zou ik zeggen!

JOKKE: 84/100

Bölzer – Lese majesty (Lightning & Sons 2019)
1. A shepherd in wolven skin
2. Æstivation
3. Into the temple of spears
4. Ave Fluvius! Danu be praised

Krater – Venenare

Het geluid van het Duitse Krater heeft een grote evolutie doorgemaakt sinds de band in 2003 werd opgericht. Op de twee eerste demo’s, twee splits en langspeler “Das Relikt des Triumphes” uit 2006 neigde Krater’s sound eerder naar pagan black metal. In 2008 volgde een bezinningsmoment en drie jaar later verscheen “Nocebo” waarop de muzikanten spagaatsgewijs met het ene been in traditionalisme stonden en met het andere been in meer moderne sferen vertoefden. Die lijn werd ondanks enkele line-up wissels verder getrokken op “Urere” uit 2016 en met het nagelnieuwe “Venenare” leveren de Duitsers hun beste werk tot op heden af. Nu niet dat deze plaat een heuse krater in het black metal-landschap slaat, maar de mix aan hedendaags black metal-geweld met archaïsche insteek weet me best te raken. De snelle partijen voelen Zweeds aan, er is voldoende ruimte voor melodieuze leads en nummers als “Stellar sparks” – het allereerste nummer dat gitarist Ibbur ooit voor Krater schreef – en “When thousand hearts” worden met allerhande heidense elementen zoals heldere koorzangen ingekleurd. Er wordt strakker gemusiceerd dan op de soms chaotische voorganger en “Atmet asche” hangt aaneen van de knappe zij het versneden riffs. “No place for you” bevat dan weer licht-psychedelische elementen, hoewel de band hier evengoed hondsbrutaal tekeer gaat. “Darvaza breeds” neemt tien minuten in beslag, start met monnikszang en een sample uit de HBO-serie “True detective” en ontpopt zich tot een song met vele gezichten waarin progressieve elementen en akoestische partijen hand in hand gaan met vurige agressie. De songtitel verwijst trouwens naar de “krater van Derweze” of “poort naar de hel”, een aardgasveld in Turkmenistan waarvan de aardgasvuren sinds 1971 continu branden. “Venenare” is een plaat waar heel wat op gebeurt (misschien soms wel wat te veel) en die liefhebbers van second wave black metal met een 21ste eeuwsgeluid wel zal kunnen bekoren.

JOKKE: 78/100

Krater – Venenare (Eisenwald 2019)
1. Eruption
2. Prayer for demise
3. Zwischen den Worten
4. Stellar sparks
5. When thousand hearts
6. Atmet asche
7. No place for you
8. Darvaza breeds
9. Wasted carbon

Ateiggär – Us d’r Höll chunnt nume Zyt

Met Vargrav en Gardsghastr hebben we het afgelopen jaar al fijne met keyboards doorspekte black mogen horen. Ook het Zwitserse Ateiggär doet nu een poging om nieuw leven te blazen in het in het verleden vaak verguisde subgenre van de door ons allen geliefde black metal. Ateiggär betekent zoveel als “initiator van ideeën” en werd pas aan het begin van dit jaar opgericht door de gesluierde individuen Fauth Temenkeel en Fauth Lantav. Het lyrisch universum van de band beslaat alchemistische en mystieke ideeën die uit het begin van de moderne tijd stammen. “Us d’r Höll chunnt nume Zyt” is het eerste wapenfeit van het duo dat banden heeft met het “Helvetic Underground Committee” waarvan o.a. Arkhaaik en Kvelgeyst hier de revue al passeerden. Beide muzikanten presenteren ondanks hun jeugdige leeftijd op deze EP vier volbloed nummers en een intro die diep geworteld zijn in de symfonische tradities van jaren negentig second wave black metal. De inluidende klanken van “En Seelefunke” zetten een bombastisch symfonisch geluid neer dat een Limbonic Art of Cradle Of Filth-achtig spektakel doet vermoeden, hoewel de keyboards in de eigenlijke nummers toch een iets minder overheersende rol innemen. Op een misplaatst kermisachtig pianoriedeltje in “Und d Korybante tanzed in Sturm” na, nemen de toetsen het vooral over wanneer de riffs net wat té lichtvoetig uitvallen om alzo meer body aan het geheel te geven. Maar gelukkig bevat een nummer als “En Blinde namens Duracotus” best ook wel enkele gave old-school opzwepende riffs. Door de band genomen draagt het toetsenwerk bij aan de mystieke sfeer die neergezet wordt, hoewel enkele Disney-achtige passages niet vermeden kunnen worden. Ook wordt er soms geëxperimenteerd met helder gezongen uithalen die niet altijd geslaagd uitdraaien. “De Dämon us Levania” bevat enkele oude Dødheimsgard-referenties wat natuurlijk dan weer wel mooi meegenomen is. “Us d’r Höll chunnt nume Zyt” heeft zo zijn momenten, maar is niet over de gehele lijn geslaagd. Bepaal vooral zelf of je hier mee weg kunt. Liefhebbers kunnen kiezen tussen een digitale versie, vinyl- of cassetterelease.

JOKKE: 74/100

Ateiggär – Us d’r Höll chunnt nume Zyt (Eisenwald 2019)
1. En Seelefunke
2. Und d Korybante tanzed in Sturm
3. Us d’r Höll chunnt nume Zyt
4. En Blinde namens Duracotus
5. De Dämon us Levania