black metal

Graves – Liturgia da blasfémia

Het is al even geleden dat ik nog wat underground zwarte ragherrie heb beluisterd en ik weet plots terug ook waarom. Het Portugese duo genaamd Graves levert met debuutplaat “Liturgia da blasfémia” een half uurtje zwakke tot matige old school black metal af met een productie die klinkt alsof een stofzuiger en een mixer betrekkingen hebben met elkaar. Het is moeilijk in te schatten wat deze heren in hun mars hebben, want de simpele cliché riffs met al even eenvoudige drums lijden zwaar onder het barslechte geluid. Bas is bijna niet aanwezig en kwelende vocalen lijken eerder opgenomen in een ranzig, leeg zwembad dan een kerk. Ik hou van een potje reverb, maar dan wel een potje dat goed klinkt als je het deksel eraf haalt. De nummers vallen amper van elkaar te onderscheiden, behalve als je let op zaken zoals de nog irritantere stem in bijvoorbeeld “Do teu ventre a maldade saiu“. Ik snap dat dit een soort eerbetoon moet zijn aan vroege Scandinavische black metal, maar om die reden gewoon wat troep op een album gooien, vind ik niet bepaald een goed idee. Ergens wil ik geloven dat er meer in zit, maar dan gaat Graves toch met een andere aanpak op de proppen moeten komen.

Xavier: 32/100

Graves – Liturgia da blasfémia (Iron Bonehead Productions 2019)
1. Do demiurge… ultraje de viver
2. I am fire I am death
3. Sangrando em Golgota
4. Sangrando em Golgota… parte 2
5. Impregnado p’ la foice
6. Do teu ventre a maldade saiu
7. Minha alma imolei em Golgota
8. Graves hold your name
9. Via Dolorosa até Golgota

Arkhaaik – *dʰg̑ʰm̥tós

Dat het Zwitserse Arkhaaik qua bandnaam een eigen draai aan het woord ‘archaic‘ heeft gegeven vind ik nog enigszins leuk gevonden, maar wat het trio bezielt om je plaat en songs onuitspreekbare titels mee te geven snap ik niet. Zoals te verwachten was, zit hier natuurlijk wel een heel verhaal achter. Bij dit trio draait het immers om het doen heropleven van lang vergeten rites en het aanbidden van primitieve goden in tijden lang voor de mens op deze aardkloot rondliep. We spreken dan over het Bronzen Tijdperk en de vreemde titels zouden ontleend zijn aan een oeroude Indo-Europese taal. Allemaal mooi en wel, maar hoe vertaalt zich dat naar de muziek van Arkhaaik? Wel, in 33 minuten tijd krijgen we drie songs voorgeschoteld waarbij de eerste en de laatste uit een mix aan barbaarse en sepulchrale death metal, bestiale black en pompende doom opgetrokken zijn. Alleen passeert er geen enkele noemenswaardige riff, wat van nummers van tien à vijftien minuten een lange rit maakt. De mix aan extreme genres klinkt vrij plat en gaat het ene oor in en het andere oor uit zonder dat er onderweg vonken overslagen. “u̯rsn̥gwhé̄nIn” heeft nog wel enkele aanvaardbare momenten, maar over het algemeen is dit maar een zwakke meug. Voor het titelnummer besloten de heren een blik aan rituele geluidjes en tierlantijnen open te trekken, maar beklijven doet ook deze aanpak allerminst. Sterker nog, heel deze band voelt als aanstellerij en interessantdoenerij aan. Het concept mag dan wel goed gevonden zijn, zonder sterke nummers valt heel het occulte bouwwerkje als een kaartenhuisje in mekaar. De heren behoren – zoals dat tegenwoordig blijkbaar moet – ook tot een clubje gelijkgestemde zielen. In dit geval is dat het Helvetic Underground Committee waartoe o.a. ook Dakhma en Death.Void.Terror behoren. Allemaal heel trvu ende kvlt maar Arkhaaik klinkt in mijn oren “arkie-saai“.

JOKKE: 55/100

Arkhaaik – *dʰg̑ʰm̥tós (Iron Bonehead Productions 2019)
1. u̯iHrós i̯émos-kʷe
2. *dʰg̑ʰm̥tós
3. u̯rsn̥gwhé̄n

Abbath – Outstrider

Ik kan me nog steeds de vage omstandigheden herinneren waarin werd aangekondigd dat Demonaz enkel nog achter de schermen betrokken zou zijn bij Immortal. Er was niet bepaald een kristallen bol voor nodig om te voorspellen dat er ooit gedonder zou van komen. Het gerommel in Blashyrkh bleef inderdaad niet uit en we kregen een Immortal met Demonaz, maar zonder de iconische frontman. Deze startte namelijk deze band, Abbath. Het succes lag al min of meer vast, daar Abbath al jaren lang het heel herkenbare gezicht was van Immortal, en het ene festival na het andere moest eraan geloven op basis van een goed onthaalde debuutplaat. Zelf kon ik er maar weinig mee aanvangen. Zeker niet slecht allemaal, maar leek me ergens wat teveel op een nog ziellozere versie van “Between two worlds” van I. Drie jaren en een hele line-up later, komt dit tweede opus “Outstrider” uit. Blijkbaar niet zonder slag of stoot, want dat de teksten de koude mosterd halen bij de bekende psychiater Carl Gustav Jung schoot één van de bekendere gezichten, bassist King ov Hell, in het verkeerde keelgat. Dit omwille van bepaalde christelijke mystieke elementen geassocieerd met Jung. Abbath liet zich echter niet kisten en komt nu dus met een album waar hij duidelijk nog meer zijn eigen stempel op heeft gedrukt. De huidige bezetting voelt naar mijn mening dan ook eerder aan als een live gegeven dan een echte band, maar dat kan natuurlijk aan mij liggen. Hoe dan ook krijgen we, zoals verwacht, een stevige kruising tussen heavy en black metal met een steengoede productie. Naast de typische late Immortal/Abbath-riffs en tokkels, krijgen we een heleboel melodieuze solo’s voorgeschoteld die goed in het gehoor liggen en alles wat opentrekken. Die specifieke genremix zorgt ervoor dat alles vrij licht verteerbaar blijft voor een breed metal publiek, veel meer dan het laatste Immortal album “Northern chaos gods” uit 2018, dat terug een pak extremer was. De single “Harvest pyre” geeft een vrij accuraat beeld van waar het album voor staat en is dan ook een van de sterkere tracks, in tegenstelling tot bijvoorbeeld het daaropvolgende nummer “Land of Khem“. Over het algemeen zijn de nummers goed en gebalanceerd, maar die track moddert toch wat aan en dat valt op. Wat wel beter achterwege was gebleven is de Bathory-cover “Pace till death“. Sowieso al niet mijn favoriete Bathory-nummer en de Abbath-stijl verpest het voor mij al helemaal. Maar goed, ieder zijn/haar ding waarschijnlijk. En het is natuurlijk een hommage. “Outstrider” is met andere woorden een heel degelijk product dat zeker zal passen binnen menige platencollectie, maar voor mij is het net dat tikkeltje te makkelijk vergeetbaar.

Xavier: 75/100

Abbath – Outstrider (Seasons of Mist 2019)
1. Calm in Ire (Of hurricane)
2. Bridge of spasms
3. The artifex
4. Harvest pyre
5. Land of Khem
6. Outstrider
7. Scythewinder
8. Hecate
9. Pace till death” (Bathory cover)

Ov Lustra – Tempestas

Het leukste aspect aan recensies schrijven, is het ontdekken van goeie bands. Ik had nog nooit gehoord van dit Amerikaans gezelschap, dat vroeger bekend stond onder de naam Sun Speaker. Na de release van hun debuut “Ov Lustra” moesten de heren om juridische redenen de bandnaam veranderen en kozen dan maar voor, juist, Ov Lustra. Vermoedelijk om deze transitie kracht bij te zetten, bracht deze formatie uit Phoenix een album uit met vier nieuwe track, vier herwerkingen van oude nummers en vier orchestrale versies. Ik ga me voor deze review beperken tot de eerste vier, nieuwe tracks. De reissues zijn wat zwakker, maar in dezelfde stilistische lijn en de instrumentale versies zijn gewoon een aardige, kwalitatieve aanvulling als je van dat soort zaken houdt. Die lijn is stevige symfonische black/death metal van een erg hoog niveau. De productie is breed, met zware strak mechanisch klinkende drums, snerpende gitaarlagen en synths die zowel ondersteunen als leiden. De afwisseling tussen grunts en screams onderlijnt die brede klank en zorgt ervoor dat de genregrenzen vaag worden. Je hoort duidelijk de invloeden van Fleshgod Apocalypse, wat niet mag verbazen als je weet dat Francesco Ferrini verantwoordelijk is voor de orchestratie, maar ook flarden Black Dahlia Murder, Dimmu Borgir, etc. Op basis van deze nieuwe songs, ben ik heel erg benieuwd naar nieuw materiaal en kan ik iedereen aanraden uit te kijken naar deze heren. 

Xavier: 84/100

Ov Lustra – Tempestas (Black Lion Records 2019)
1. The ritual
2. Tempestas ft Michael Alvarez
3. Ov delicate rage
4. The orator
5. I (Rerelease)
6. Felle (Rerelease)
7. Ov Lustra (Rerelease)
8. Arrival (Rerelease)
9. The ritual (Orchestral)
10. Tempestas (Orchestral)
11. Ov delicate rage (Orchestral)
12. The orator (Orchestral)

Friisk – De doden van ’t waterkant

Laat je niet misleiden door de Nederlandstalige titel van Friisk’s eerste EP, want de heimat van deze jonge black metalband ligt in buurland Duitsland, het stadje Leer meer bepaald, dat deel uitmaakt van Oost-Friesland en waar Nederduits, een mengeling van Duits en Nederlands, gesproken wordt. Dat verklaart meteen ook de bandnaam (voorheen was viervijfde van de band actief in Friesenblut, wat ook een verwijzing naar Friesland is). De zeegeluiden uit de intro leggen meteen de link met de titel en stuwen naar de échte opener “Ægir“. Een vloedgolf blijft echter uit want dit nummer start vrij rustig totdat een old school riff rond de tweeminutengrens het boeltje toch nog in de fik steekt. Zanger T kan heel wat aan met zijn stembanden en produceert semi-cleane uithalen, verhalend gefluister, hese meer death metal-achtige vocalen en hoog Drudkhiaans gekrijs. Tussen het tremelogeweld schemeren heidense invloeden en melodieën door, gelukkig zonder dansbare polonaisetoestanden op te wekken. Afsluiter “Kein Heiland” wisselt mooie melodische riffs af met een strijdlustige heroïek. De fellere stukken van het acht minuten durende “Dämmerung” neigen wat naar landgenoten Ultha. Het feit dat diens Andreas Rosczyk de mix en mastering verzorgde, draagt hier misschien ook wel tot toe bij. De basdrum mist echter wat power en klinkt in de rustige passages van dit nummer vrij plat en hol. Voor de rest is dit Deutsche gründlichkeit en dus zeker geen onaangename eerste kennismaking.

JOKKE: 75/100

Friisk – De doden van ’t waterkant (Vendetta Records 2019)
1. Flut
2. Ægir
3. De doden van’t waterkant
4. Dämmerung
5. Kein Heiland

Dim Aura – The triumphant age of death

Het is anno 2019 geen verrassing meer dat er bijna overal ter wereld wel een black metal band is, dus ga ik het niet meer hebben over hoe Dim Aura uit Israël komt en hoe dat nou niet voor de hand ligt. Dim Aura bestaat sinds 2010 en heeft twee EP’s en een full-length achter de rug. “The triumphant age of death” komt zo een slordige zes jaar na de vorige volle plaat “The negation of existence“. In die tijd is de stijl van de band van nogal protserige thrashy black metal naar een wat sfeervollere genrevariant met een modernere productie gegaan, maar met nog steeds duidelijke old school invloeden. De eerder middelmatige gitaarriffs worden ondersteund door een vrij zwakke drum en een stem die – net als de rest van het verhaal – een beetje lonkt naar de millenniumlichting van Shining-achtige bands. Eigenlijk is deze plaat wat ik zou noemen: “auto black metal”. Een album dat er met andere woorden prima ingaat als je op weg bent met vrienden en je niet te aandachtig hoeft te luisteren. Als reviewer moet je echter wel wat dieper op de muziek ingaan en dan vallen de zwakke punten natuurlijk al gauw op. Nu goed, ik word er dan niet extreem wild van, het is toch wel de moeite om eens te beluisteren en zelf te oordelen.

Xavier: 68/100

Dim Aura – The triumphant age of death (Saturnal Records 2019)
1. Clockwork negativism
2. Towards the plague
3. Black heretic hate
4. Blood boiling misanthropy
5. Death, total death
6. Antinomianism
7. The triumphant (Age of death)
8. The cruel
9. Mors vincit omnia

Naxen – To abide in ancient abysses

Naxen is een vierkoppig black metal gezelschap uit Münster in Noordrijn Westfalen, aangeprezen door hun Ultha-vriendjes. En dan checken we dat natuurlijk uit! Naxen bracht eind vorig jaar een eerste cassettedemo uit die door Ultha’s Andy Rosczyk geremastered werd om begin 2019 door Vendetta Records in een vinyljasje gestoken te worden. “To abide in ancient abysses” bevat twee songs die gezamenlijk een zeventiental minuten omspannen. Geen duivelaanbidding en Satanische rituelen hier, maar teksten die handelen over de tekortkomingen van de mensheid, diens tragedies, wandaden en falen. Naxen’s black varieert tussen mid- en uptempo black met in “Great Gof of grief” ook een semi-akoestische passage vol melancholie. Het geluid van Ultha ligt nooit veraf, zeker de geremasterde versie. De originele tape klinkt wat scheller en voelt daardoor meteen ook Noorser aan. “Dawn of new despair” is wat venijniger en bevat he(me)lse gitaarmelodieën die een brede grijns op mijn tronie toveren. Wanneer er gas teruggenomen wordt, schemeren sludgy invloeden doorheen de black. “To abide in acient abysses” kreeg een moderne sound aangemeten die fans van het reeds eerder aangehaalde Ultha of USBM-acts zoals Ayr en Worsen zou moeten kunnen aanspreken.

JOKKE: 82/100

Naxen – To abide in ancient abysses (Vendetta Records 2019)
1. Great God of grief
2. Dawn of new despair