laster

Nusquama – Horizon ontheemt

Nu de Nederlandse black metal toch wel een groot profiel wordt aangemeten – niet verwonderlijk gezien de vele albums die de laatste tijd de revue passeren en de set van Maalstroom op Roadburn – krijgt ze ook een duidelijk eigen gezicht van ietwat ruizig geproduceerde (Nijmegen) of net zeer experimentele black metal (Utrecht). In die lijn valt ook Nusquama te catalogeren, een project dat zo goed als een dwarsdoorsnede is van deze twee scenes met leden die ook musiceren in, here we go: Laster, Fluisteraars, Turia, Solar Temple, Grey Aura, Lubbert Das, Iskandr en nog wat andere projecten. Incest wincest, zoals men in de Nederlandse (maar ook IJslandse) scene placht te zeggen. Op gitaar vinden we zo O. terug, die de riffs aaneenrijgt in een stijl die wat richting Iskandr doet denken. De ijselijke vocalen van T. klinken helderder dan haar zangwerk bij Turia en komen duidelijker naar voor in de heldere, koude en van franjes ontdane mix. Echter weet Nusquama zich met haar middellange songs (elk tussen vijfenhalf en zevenenhalf minuten) te onderscheiden van de hierboven genoemde bands, hoewel vooral de invloed van het Haeresis Noviomagi collectief opvalt. Wat ervoor zorgt dat Nusquama een meer gevarieerd project is, is echter de melancholie die door middel van mid-tempo, melodieus gitaarwerk doorheen alle songs waait (en waarvan het knappe “Vuurslag” een mooi voorbeeld is), en waarin de geprevelde insteek van Fluisteraars opvalt (“Eufrozyne” en zeker het magistrale “Ontheemd”). De samenwerking van deze muzikanten met verschillende muzikale achtergronden schemert als een constante doorheen dit debuut dat de naam “Horizon ontheemt” draagt, waardoor de Nederlandse scene alweer een nieuw gelaat toont dat zich voldoende onderscheidt om op zichzelf te kunnen staan. Persoonlijk mis ik hier en daar wat variatie in tempo en mochten sommige explosies een iets hoger in your face-gehalte hebben gehad, maar dat zou muggenziften zijn over een album dat me al ettelijke weken steeds opnieuw weet mee te slepen. Benieuwd wat de volgende verrassing van onze Noorderburen zal inhouden!

CAS: 86/100

Nusquama – Horizon ontheemt (Eisenwald 2019)
1. De aarde dorst
2. Wrevel
3. Vuurslag
4. Eufrozyne
5. Ontheemd
6. Met gif doordrenkt

Laster – Het wassen oog

Heb je je black het liefst in een strak keurslijf en lederen jekker met patches en spikes geperst? Blijf dan maar ver weg van het Nederlandse Laster want dit avant-gardistisch gezelschap uit Utrecht tast reeds drie langspelers lang de grenzen van het genre af. Na “Ons vrije fatum” uit 2017 bleek ook Prophecy Productions overtuigd van het kunnen van het trio want voor “Het wassen oog” werd bij het Duitse label getekend. De band beschrijft haar eclectische stijl zelf als “obscure dance music” en integreert – net als stadsgenoten Grey Aura – met het grootste gemak invloeden uit post en jazz rock, shoegaze en art pop binnen het kaderwerk van extreme metal. Deze van alle-oogkleppen-ontdane-aanpak werd op de nieuwe langspeler nog verder uitgediept wat resulteert in de meest cinematografische sound die Laster ooit neerzette. En dankzij de fel verbeterde productie – die liet in het verleden al eens wat te wensen over – komt deze smeltkroes aan invloeden nu ook veel beter over. Opvallend is dat reeds vanaf de opener “Vacuüm ≠ behoud” de heldere vocalen een veel grotere rol opeisen dan in het verleden. De bijwijlen excentrieke zangstijl roept meteen een link met Ved Buens Ende op, maar ook die typische hoge gortdroge screams zijn nog veelvuldig van de partij. De subtiele keys en progressieve riffs zouden ook fans van het latere Enslaved moeten kunnen bekoren. Frivole basloopjes huppelen doorheen bleke riffkleuren, melancholische melodieën en flamenco-gitaren. Het voor Laster begrippen kort durende “Schone schijn” wordt middels enkele drumroffels door Wessel Reijman (ook actief bij Nevel, Verval en Willoos) ingezet en de bedwelmende cleane vocalen tillen het nummer dat enkele bizarre wendingen bevat hier echt naar een hoger niveau. Nu het deksel van het experimentele vat wagenwijd opengetrokken is, gaat de band op “Zomersneeuw” nog een stapje verder. Bij dit nummer dat stukjes shoegaze rock en pompende baslijnen bevat, wordt duidelijk wat Laster met “obscure dansmuziek” bedoelt. Na het speelse intermezzo “Ondersteboven” geven de heftige black metal klanken van “Haat & bonhomie” je een fikse trap onder de reet voor moest je vergeten zijn dat de gemaskerde bende toch ook nog wel een degelijk potje zwartmetaal uit de instrumenten kan persen. Het duurt echter niet al te lang vooraleer de experimentele kaart terug getrokken wordt en verstaanbare heldere vocalen de Nederlandstalige poëtische teksten vertolken. Ook op de tweede helft van de plaat horen we nog enkele verrassende zaken zoals de accordeon in de inleiding van “Blind staren“, de spoken word-passage, samples en strijkers in “Weerworm” en de psychedelische en jazzy toets van afsluiter “Zinsbetovering“. Hoewel de band op “Het wassen oog” black metal gerelateerde archetypen zoals het kwaadaardige of alziend oog in vraag stelt, blijft de basis van Laster’s muziek toch nog ontegensprekelijk geworteld in black metal. Door de vele cleane vocalen en progressieve stukken klinkt Laster echter avontuurlijker én enigszins toegankelijker dan ooit. Nog even meegeven dat de dubbele CD-versie met art book ook nog de “Stadsluik” EP als bonus bevat. Ik ben fan!

JOKKE: 84/100

Laster – Het wassen oog (Prophecy Productions 2019)
1. Vacuüm ≠ behoud
2. Schone schijn
3. Zomersneeuw
4. Ondersteboven
5. Haat & bonhomie
6. Blind staren
7. Weerworm
8. Zinsbetovering

Grey Aura – 2: De bezwijkende deugd

Wie het Utrechtse Grey Aura al langer dan vandaag volgt, weet dat we met een modernistisch Gesamtkunstwerk clubje van doen hebben. De uit 2016 stammende anderhalfuurdurende debuutplaat met de welluidende titel “Waerachtighe beschryvinghe van drie seylagien, ter wereld noyt ghehoort” was gebaseerd op allerlei literaire werken die de derde en laatste reis beschreven van de Nederlandse ontdekkingsreiziger Willem Barentsz om een noordoostelijke passage naar India te vinden. Hoewel de muziek duidelijk haar roots had in midden jaren ’90 black metal schuwde het Utrechtse trio het experiment niet. Er werden neoklassieke composities geïntegreerd evenals theatermonologen en -dialogen. Grey Aura besloot haar opvolger te baseren op “De protodood in zwarte haren“, een roman van zanger/gitarist Ruben Wijlacker. Kort gezegd handelt dit verhaal over een jonge schilder die verzwolgen wordt door radicaal modernisme en een grote drang voor abstractie. Wegens de grote omvang van dit ambitieuze project besloot de band om demo’s op te nemen en uit te brengen om zo met allerhande elementen te kunnen experimenteren. In 2017 verscheen via The Throat de eerste demo “1: Gelige, traumatische zielsverrukking” en nu is het de beurt aan deel twee, getiteld “2:De bezwijkende deugd“, dat via Tartarus Records op cassette zal verschijnen. Wie de eerste demo heeft gehoord, weet dat Grey Aura haar drang om buiten de lijntjes te kleuren nóg verder doorgetrokken heeft vergeleken met het debuut. Daar waar het eerste deel van het verhaal zich door het incorporeren van flamencogitaren en koperblazers hoorbaar in Spanje afspeelde, verhuizen we voor “2: De bezwijkende deugd” naar Parijs. Dit vertaalt zich onder andere in allerhande Franstalige monologen en licht-erotisch getinte jazzy partijen die de nummers inkleuren. Er moet wel gezegd worden dat het geheel bij momenten vrij fragmentarisch overkomt. Wanneer je de poëtische teksten echter bij de hand neemt en je je meer in het verhaal verdiept, vallen de puzzelstukjes langzaam op hun plaats en wordt je in de flow van het verhaal meegezogen. In de vocale invulling van de black metal-stukken horen we vooral de invloed van een Aldrahn (Urarv, ex-Dødheimsgard) terug, een man die het ook niet al te nauw neemt met de strak afgebakende lijntjes die de puristische liefhebbers van het genre wensen. De vreemde kronkels en vocale capriolen die in de eclectische composities ingebouwd zijn en de zinloze geest van het hoofdpersonage vertolken, doen ook hard denken aan onze eigen bruine helden van Lugubrum. Verder nog even vermelden dat de basklanken van S (Laster) ook nog op een nummertje te horen zijn. Het werk van Grey Aura is voorbestemd voor avontuurlijke muziekliefhebbers en arty farty hipsters, de trve ende cvlt black metal-fanaten lopen hier best in een heel grote boog omheen.

JOKKE: 80/100

Grey Aura – 2: De bezwijkende deugd (Tartarus Records 2019)
1. Sonate
2. De onnoemelijke verleidelijkheid van de bezwijkende deugd
3. Parijs is een portaal
4. De drenkeling
5. Beschonken slaapwandelaar
6. Dialoog: Restaurant
7. Sierlijke schaduwmond

Múspellzheimr /Aiwīgaz Unðergangaz – Split

De Deense black metal-scene is de laatste tijd aan een heuse opmars bezig. Naast de bruisende activiteiten van de Korpsånd-cirkel – waarvan onlangs een verzamelaar uitkwam – en het geweldige Serpents Lair en Solbrud is er ook het interessante Afgrundsvisioner-label dat recent nog aan bod kwam middels het gesmaakte “Trolddomssejd i skovens dybe kedel” van
Geistaz’ika. Twee andere bands waarvoor je me steeds mag wakker maken zijn Múspellzheimr – waarvan “Nidhöggr” reeds aan onze kritisiche pen passeerde – en Aiwīgaz Unðergangaz. Van deze twee mysterieuze entiteiten verscheen onlangs een collaboratie in de vorm van een 10 inch split die via Amor Fati uitkwam. En gelukkig maar, want de meeste Afgrundsvisioner-releases zijn extreem gelimiteerd of worden enkel in eigen kringen verdeeld. Beginnen doen we met Múspellzheimr’s nummer dat grossiert in felle en schelle black die heel organisch klinkt en volgens mij ook gevoelsmatig ingeblikt werd zonder dat er een minutieus uitgekiend plan achter zit. Uit de poriën van zowel de snelle afranselingen als de kalme, maar verwrongen passages die de tien minuten durende chaotische songstructuur bevat, vloeit onophoudelijk salpeterzuur waarbij frivool basspel het geheel op tijd en stond wat meer body geeft. Dit is duivelse teringherrie van het zuiverste soort…and I love it! Aiwīgaz Unðergangaz start haar bijdrage op een post-rock-achtige manier maar zodra de spanningsopbouw erop zit, pakken ook deze Denen uit met black metal die het in hun geval vooral moet hebben van herhaling en hypnotiserende onderstromen, maar minder ruw dan op de “Forsortnet” demo. Aiwīgaz Unðergangaz kleurt net wat meer buiten de lijntjes dan Múspellzheimr’ en doet in de lang uitgesponnen instrumentale passages soms wat aan Laster denken. Geen wonder dat deze twee Deense bands een split uitbrachten want hoewel beide over een eigen identiteit beschikken, passen de twee organisch klinkende en spontane nummers uitstekend bij mekaar. Ik kan het jullie niet laten horen middels een online fragment, maar raad de liefhebbers van beide bands wel aan snel te handelen vooraleer je achter de mazen van dit obscuur net vist.

JOKKE: 83/100 (Múspellzheimr: 82/100 – Aiwīgaz Unðergangaz: 84/100)

Múspellzheimr /Aiwīgaz Unðergangaz – Split (Amor Fati Productions 2019)
1. Múspellzheimr – Untitled
2. Aiwīgaz Unðergangaz – Untitled

Witte Wieven/Reiziger – Vlucht

Als afsluiter van een wederom erg sterk black metal-jaar bij onze noorderburen, krijgen we naast een nieuwe Lubbert Das ook nog een split tussen Witte Wieven en Reiziger voorgeschoteld waarbij beide bands één lange atmosferische black metal-song laten horen. Witte Wieven uit Tilburg bijt de spits af en pikt de draad op waar haar eerste EP “Silhouettes of an imprisoned mind” twee jaar geleden stopte. Het duo bestaande uit zangeres/gitariste/bassiste Carmen Raats en drummer Sarban Grimminck creëert een wazige en ijle atmosfeer des te meer door Carmen’s frêle zang die naar bands als Amesoeurs en Les Discrets neigt, maar we horen in “Met beide benen in het niets” ook wel wat Agalloch terug in de melancholische gitaarleads rond de 5:30 grens. De dissonante elementen die we op de EP nog hoorden, zijn echter verdwenen in het niets en hebben plaatsgemaakt voor een dromerig geluid. De serene openingsklanken en de opbouw van diens melodie doen heel hard denken aan “Earth as a womb” van het geniale Altar Of Plagues. Wanneer na drie minuten de black metal-klanken uit de startblokken schieten, zoekt Carmen het contrast op tussen haar engelenzang en hoge screams en de gitaren rangeren tussen cleane klanken en lage, modern klinkende riffs. “Met beide benen in het niets” is een dynamisch nummer dat enkele mooie opbouwen kent en haar mysteries gaandeweg prijsgeeft. Benieuwd naar de opkomende Roadburn-performance! Daarna is het de beurt aan Reiziger, de soloband van Laster’s N en niet te verwarren met de Belgische postcore-band uit Hechtel. “Dauw en daad” duurt negen minuten en hield me met haar hypnotiserende klanken, lo-fi riffs, repetitief drumspel, ijzige synths en ijle screams vanaf de eerste luisterbeurt in een grip die me niet meer los liet. Hoewel Reiziger minder buiten de lijntjes kleurt dan Laster, hoor je in de overall sound toch wel enkele gelijkenissen. Reiziger onderscheidt zich echter door een triomfantelijk gevoel dat inherent aanwezig is door een keyboardlaag die de sound van hoorngeschal en blazers evenaart. Een intrigerend epos en één van de beste nummers van het afgelopen jaar dat zo hard om meer roept. Ook de split-tape “Hertovenarij” van Reiziger en Alruin uit 2016 is de moeite waard. Mensen die van hun exemplaar af willen (aan een redelijke prijs natuurlijk), mogen me altijd contacteren! Dikke duim voor Babylon Doom Cult Records om ons met deze interessante split te verblijden.

JOKKE: 87/100 (Witte Wieven: 84/100 – Reiziger: 90/100)

Witte Wieven/Reiziger – Vlucht (Babylon Doom Cult Records 2018)
1. Witte Wieven – Met beide benen in het niets
2. Reiziger – Dauw en daad

Kjeld/Wederganger – Split

Nederlanders trekken graag samen op oorlogspad. Het Friese Kjeld splijtte in 2015 samen met het Limburgse Cirith Gorgor een 7 inch in twee en het Gelderse Wederganger vond in het Utrechtse Laster eerder dit jaar nog een bondgenoot om samen een 12 inch te delen. En nu, zo’n vijfhonderd jaar nadat Karel van Gelre en Pier Gerlofs Donia gezamenlijk de Lage Landen plunderden, slaan de provincies Gelderland en Friesland opnieuw de handen in mekaar om strijd te voeren middels een in-een-12-inch-gegraveerde oorlogsverklaring die de ridders van de zwarte dreef van Wederganger en Kjeld met hun bloed ondertekenden. Beide bands doen een kwartier lang oude geesten herleven door enkele songs ter meerdere eer en glorie van hun respectievelijke cultuur, bakermat en geschiedenis ten gehore te brengen. Kjeld trapt het zaakje af en brengt melodieuze old school – Noors klinkende maar in het Fries gezongen – kwaliteitsblack waarbij het duimen en vingers aflikken is met “Wanskepsel” als ultiem piekmoment. De moderne productie doet de drie songs bovendien ongelofelijk knallen zonder dat het zaakje steriel klinkt. Daar waar Wederganger op de split met Laster een lang uitgesponnen atmosferische track liet horen, grijpen de Gelderse drekzombies met de twee tracks die op deze release prijken eerder terug naar de sound van het debuut “Halfvergaan ontwaakt” ofte toegankelijke, goed in het gehoor liggende melo-black met de uit-de-duizenden-herkenbare cleane stem van Alfschijn als unique selling proposition. Ook Wederganger gaat allesbehalve gebukt onder een groezelige productie waardoor alle details goed hoorbaar zijn voor optimaal genot. Uitstekende collaboratie waarbij de liefhebbers kunnen kiezen tussen een zwart of wit vinylexemplaar. De release is vers van de pers en op het wereldwijde web zijn nog geen fragmenten te vinden, dus post ik hieronder maar een afbeelding van de (draak van een) hoes.

JOKKE: 85/100 (Kjeld: 87/100 / Wederganger: 83/100)

Kjeld/Wederganger – Split (Ván Records 2016)
1. Kjeld – Banier
2. Kjeld – Wanskepsel
3. Kjeld – Keningsein
4. Wederganger – Laaiende haat
5. Wederganger – De galgenberg

kjeld-wederganger_van204

Pénitence Onirique – V.I.T.R.I.O.L.

Met Regarde Les Hommes Tomber, The Great Old Ones en Paramnesia heeft het Les Acteurs de l’Ombre label enkele geweldige bands onder haar hoede. Hun nieuwste telg is het Franse duo Pénitence Onirique dat een intense en donkere vorm van avantgardistische black metal ten gehore brengt. Voor de verandering nog eens een black metal plaat die meteen uit de startblokken schiet zonder dat we middels een obscure intro in de juiste mood gebracht dienen te worden. Het duo injecteert de nodige elementen uit andere subgenres in haar atmosferische black metal wat duidelijk opvalt in het majestueuze “Le soufre” met haar in-reverb-gedrenkte gitaarsound die ontleend wordt aan shoegaze. Ik meende ook een continu aanwezige keyboardlaag te ontwaren die subtiel doorheen de gitaarpartijen verweven zit en het geheel van de nodige bombast en filmische epiek voorziet, maar in een statement op de website van de band staat te lezen dat er geen keyboards gebruikt werden bij de totstandkoming van “V.I.T.R.I.O.L.” en dat deze effecten afkomstig zijn van de gitaar. Het rustigere “Le sel” komt traag op gang en net wanneer mijn aandacht begint af te dwalen, hakken de melodieuze gitaarmelodieën in op mijn gemoed. In het riffwerk van de titelsong en de openingstrack zijn de invloeden uit de Zweedse school van de jaren negentig duidelijk hoorbaar maar ook de impact van landgenoten Blut Aus Nord valt niet te ontkennen. Met “Carapace de fantasme vide” krijgen we de meest radicale en epische song voorgeschoteld, hoewel melodie en extremiteit steeds hand-in-hand blijven gaan bij Pénitence Onirique. De enorm krachtige en moderne productie knalt echt uit de boxen, maar mist wel de nodige dynamiek,  waardoor de oortjes na driekwartier non-stop muzikaal verstikkend geweld even tot rust moeten komen. Ook klinken de drums té modern en digitaal naar mijn smaak. De debuutplaat van Déluge (“Æther“) – een andere band uit de LADLO-stal leed aan hetzelfde euvel. Over de visuele presentatie van de band kan echter niets negatief geschreven worden want Bellovesos (alle muziek) en Diviciacos (zanger/tekstschrijver) zijn twee heerschappen die hier zorgvuldig veel aandacht aan besteden. Zo is er het knappe artwork dat de thematiek van de plaat (een reis naar het aanvaarden en begrijpen van de dood) stijlvol weergeeft en de artistieke fotografie die aan bands als Laster en Terra Tenebrosa doet denken. Met “VI.T.R.I.O.L.” heeft deze kakelverse band mijn interesse absoluut weten wekken en ben ik benieuwd naar wat we in de toekomst nog van hen mogen verwachten.

JOKKE: 78/100

Pénitence Onirique – V.I.T.R.I.O.L. (Les Acteurs de l’Ombre 2016)
1. L’âme sur les pavés
2. Le soufre
3. Le sel
4. V.I.T.R.I.O.L
5. Carapace de fantasme vide