neurosis

Ultha – The inextricable wandering

Na een mooi underground-parcours te hebben afgelegd via Vendetta Records, is het grote Century Media de nieuwe thuisbasis geworden van Ultha, zowat dé beste band die de black metal-scene van onze oosterburen te bieden heeft. “Black” is in dit geval echter een groot woord (dixit de band zelf) want hoewel het kwartet puurt uit de duisternis van het genre gaat het echter niet de religieuze, occulte of orthodoxe tour op. En qua sound vindt Ultha zichzelf dichter aanleunen bij post-punk en darkwave dan bij een Darkthrone of Marduk. De nieuwe derde langspeler “The inextricable wandering” draait om melancholie, alomtegenwoordige droefheid en hopeloosheid. Gitarist/zanger en songschrijver Ralph Schmidt bevond zich tijdens het schrijfproces van de plaat dan ook in de zes zwaarste maanden van zijn leven. Als promopraatje voor een metalplaat is een gekwelde ziel natuurlijk altijd mooi meegenomen, maar wie de beste man kent, weet dat dit welgemeende ernst is. Ook angst vormt een rode draad doorheen de plaat. Elk van de zes nummers handelt over een angstpatroon en de gevolgen die Ralph daarvan ondervond. De zesenzestig minuten durende rit is als het ware een dagboek geworden van de algemene angsten die de muzikant voelde en alle rotzooi die hij de afgelopen maanden heeft doorgemaakt. “The inextricable wandering” gebruikt herhaling en repetitieve elementen als grootste kracht en het resultaat klinkt in de magistrale achttien minuten durende afsluiter “I’m afraid to follow you there” hypnotiserend, emotioneel beklijvend en introspectief. In de overrompelende partijen van binnenkomer “The avarist (Eyes of a tragedy)” klinkt het viertal dan weer roofzuchtig en bijtend agressief. In de donkere spleten van Ultha’s sound, waar insecten thuishouden en nachtmerries zich manifesteren, horen we echo’s van Emperor, Wolves In The Throne Room, Fields Of The Nephilim en Neurosis. De darkwave waarover we het eerder hadden, komt duidelijk naar voor in songs als “There is no love, high up in the gallows” en “We only speak in darkness” dat ook wel wat recente Tombs uitademt. Standaard black metal-elementen zoals blast beats, gure riffs en ijzige screams komen er in deze nummers niet aan te pas; duisternis en desolaatheid des te meer. Ook in de riffs van “Cyanide lips” snappen we het statement van de band aangaande post-punk en horen we best wel wat Planks terug, de oude band van Ralph. Ultha heeft zich met “The inextricable wandering” opnieuw overtroffen en verkent duidelijk nieuwe paden ten opzichte van de reeds geweldige voorganger “Converging sins“, hier kunnen we alleen maar respect voor hebben. Misschien dat sommigen echter wel teleurgesteld gaan zijn daar er iets minder échte black metal-stukken te horen zijn, hoewel deze puristen met het keizerlijke “With knives to the throat and hell in your heart“, waarin triomfantelijke keys heel wat speelruimte krijgen, toch serieus aan hun zwartgeblakerde trekken zullen komen. Het onvolprezen Ultha levert opnieuw jaarlijstmateriaal af!

JOKKE: 90/100

Ultha – The inextricable wandering (Century Media 2018)
1. The avarist (Eyes of a tragedy)
2. With knives to the throat and hell in your heart
3. There is no love, high up in the gallows
4. Cyanide lips
5. We only speak in darkness
6. I’m afraid to follow you there

Abstracter – Cinereous incarnate

De muziek van het uit Oakland afkomstige Abstracter zat ooit in hetzelfde straatje als een Neurosis, maar gaandeweg heeft het kwartet een meer eigen smoelwerk ontwikkeld. En hoewel er nooit veel kleur in het artwork van de band heeft gezeten, straalt het geheel nóg meer dan ooit een apocalyptisch gevoel uit waarbij onderdrukking, verslagenheid en ontrafelende hoop centraal staan. De zondvloed aan verstikkende distortion en sombere atmosferen wordt gevoed door verscheidene kolkende rivieren die samenkomen en elementen uit death, doom en black metal maar ook crust, noise, drone en duistere ambient aanvoeren. Opener “Nether” laat middels blastbeats en dikke fuzzy death metal-riffs meteen tien minuten lang horen dat de extreme metalvarianten nóg meer aan betekenis hebben gewonnen in het nihilistische wereldbeeld van de heren. Naar de finale van het nummer toe daalt het tempo en verrijken noise en drone-elementen de distopische sound en beuken ze de luisteraar Primitive Man-gewijs plat. In “Ashen reign” worden we als luisteraar heen en weer geslingerd tussen tergend trage death/doom zoals we die kennen van Khanate, Winter en Disembowelment en korte d-beat uitspattingen. Wanneer “Wings of annihilation” haar vleugels uitstrekt, werpt de track een dood en verderf zaaiende schaduw over Moeder Aarde. “Devouring night” wisselt tenslotte opnieuw woeste sludge à la Indian en Graves At Sea af met sneller werk (denk Dragged Into Sunlight maar iets minder extreem), maar steeds met een gitzwarte ondertoon en anti-humane invalshoek. Voilà, ik denk dat het door de veelvuldige name dropping duidelijk mag zijn in welke compleet-aan-het-daglicht-onttrokken hoek we de nieuwe van Abstracter kunnen plaatsen.

JOKKE: 81/100

Abstracter – Cinereous incarnate (I, Voidhanger Records 2018)
1. Nether
2. Cinereous
3. Ashen reign
4. Wings of annihilation
5. Incarnate
6. Devouring night

 

Wolves In The Throne Room – Thrice woven

Wolves In The Throne Room is één van de weinig bands die kan zeggen dat ze aan de wieg stonden van een heus subgenre binnen het black metal gebeuren. In navolging van hun tweede langspeler “Two hunters” uit 2007, explodeerde het aantal atmosferische black metal bands dat de natuur als uitgangspunt nam in plaats van allerlei satanische fratsen en idolatrie. Onze favoriete boomknuffelaars lieten zich inspireren door de overweldigende natuurkrachten uit hun leefwereld Cascadia die zich in het Pacifische Noord-Westen van de Verenigde Staten uitstrekt. Cascadian black metal was een feit, de copy cats rezen als paddenstoelen uit de grond en zelfs bands met een gelijkaardige sound en thematiek, maar opererend aan de andere kant van de aardbol, kregen dit label opgespeld. Na het teleurstellende “Celestial lineage” uit 2011 bleek het heilige vuur echter gedoofd te zijn. De vrees zat er dan ook even in dat de broertjes Aaron en Nathan Weaver aan serieuze metaalmoeheid leden toen drie jaar later de zaaddodende ambient-herwerking “Celestite” uitkwam. Maar gelukkig kruipt het bloed waar het niet gaan kan. Eerder dit jaar verraste de band met één van de coolste namen ooit ons al met een geweldig optreden op Roadburn waar ze – ondanks het grote podium – de (atmo)sfeer goed konden vasthouden en overbrengen naar het publiek. De verwachtingen voor de nieuwe plaat werden dan ook serieus omhoog gekrikt. Zes lange jaren na de vorige metalen plaat is “Thrice woven” eindelijk een feit. En laten we maar meteen tot de essentie komen: het doet enorm veel deugd om terug een geïnspireerde band aan het werk te horen. Nadat de inleidende akoestische gitaren wegebben, krijgen we in de vorm van “Born from the serpent’s eye” een hongerig trio – tweede gitarist Kody Keyworth is ondertussen tot de vaste kern van de band toegetreden – te horen met voldoende peper in de reet om te beklijven zoals ze dat in hun begindagen ook konden. Na één van hun meest agressieve riffs in jaren valt de razernij echter plots stil en creëren de feeërieke zangpartijen van de Zweedse Anna von Hausswolff een Enya-achtige sfeer. De openingstrack combineert meteen beide sterktes van de band: op Noorse leest geschoeide black metal furie en atmosferische diepgang. Ook het korte “Mother owl, father ocean” verderop het album wordt volledig door Anna’s zang gedragen en bevat tevens een bijdrage van de Turkse harpist Zeynep Oyku. Een andere gast die opdraaft, is Neurosis’ Steve Von Till die “The old ones are with us” inzet waarbij zijn diepe stem wordt begeleid door akoestische klanken en een knetterend haardvuur. Deze mid-tempo song is dreigender, mysterieuzer en slepender van aard en heeft een meditatief aura over zich heen gedrapeerd. Maar dan komt het almachtige, op Noordse mythen gebaseerde “Angrboda” in galop aangedraafd om ons met haar blasts en majestueuze gevoel helemaal plat te walsen. Waar veel andere bands de pakkende riff in het begin van het nummer tot treurens toe zouden herhalen, laten de wolven dit momentum slechts één keer passeren waardoor je steeds opnieuw naar de repeat-knop grijpt om dit triomfantelijke gevoel te herbeleven. De meer dan elf minuten durende afsluiter “Fires roar in the palace of the moon” vormt nogmaals een synthese van alle sterktes van Wolves In The Throne Room: een dynamische wisselwerking tussen groots klinkende black metal en meer introverte natuurmystiek. Welkom terug heren!

JOKKE: 90/100

Wolves In The Throne Room – Thrice woven (Artemesia Records 2017)
1. Born from the serpent’s eye
2. The old ones are with us
3. Angrboda
4. Mother owl, father ocean
5. Fires roar in the palace of the moon

Inter Arma – Paradise gallows

De Amerikaanse post-sludgers van Inter Arma zijn toe aan hun derde schijf, gedoopt “Paradise gallows“. Voorganger “Sky burial” werd door ondergetekende met strakke broek onthaald, al was de tussentijdse EP “The Cavern” een heuse beproeving. Maar geen nood, de nieuweling is deftig in orde. Inter Arma haalt zoals vanouds zowat een beetje overal de mosterd vandaan en brengt op deze manier heel wat invloeden samen in een majestueus sludgy powertripje. Melodieus Maiden’esque geplingel, zoals intro “Nomini” (en tussenstuk “Potomac“, mét zelfs wat piano erbij) en akoestisch geplangel, zoals afsluiter “Where the earth meets the sky” wisselen af met knalharde mokerslagen en diepe modderrochels. Tussen de blastbeats door, hoor je vooral veel Neurosis in “An archer in the emptiness” en “Transfiguration“. Sleep wordt dan weer aangehaald in “The summer drones“, incluis meer zuivere zang. Inter Arma echter afdoen als louter een kloon van (bovenstaande bands), doet de band oneer aan. De uitgesponnen nummers bevatten zoveel invloeden, van black metal gaande over southern rock, gaande over death metal tot sludge. Er valt niet zomaar een noemer te plakken op “Paradise gallows“. Dit veelvoud aan input zorg voor een aangename luisterbeleving waardoor verveling nooit toeslaat. Productioneel staat het album ook als een huis; loodzwaar, transparant, maar zeker ook lekker rauw. De lange duur van 70 minuten is een zware bevalling, maar ook een zeven gangen menu heeft zijn tijd nodig. Voor een snelle hap moet je hier niet zijn. Inter Arma levert kwaliteit en met “Paradise gallows” wordt dat nogmaals onderstreept. Flp: 87/100.

Inter Arma – Paradise gallows (Relapse 2016)
1. Nomini
2. An archer in the emptiness
3. Transfiguration
4. Primordial wound
5. The summer drones
6. Potomac
7. The paradise gallows
8. Violent constellations
9. Where the earth meets the sky