post black metal

Mord’A’Stigmata – Dreams of quiet places

Een must see op de komende Roadburn-editie is ongetwijfeld het Poolse Mord’A’Stigmata. De bandnaam stond reeds voor het horen van diens nieuwste telg “Dreams of quiet places” met gele fluomarkeerder op de dagplanning aangeduid en staat enkele luisterbeurten later nog eens extra dik in de verf gezet. De Polen geven al vijftien jaar lang hun eigen avant-gardistische draai aan hun black metal en vooral sinds de voorganger “Hope” uit 2017 is de kwaliteit er met rasse schreden op vooruit gegaan. Mord’A’Stigmata kruidt haar post-black met de nodige dissonanten, weet wanneer er ruimte dient gelaten te worden om de instrumenten hun zegje te laten doen (“Void within“), wisselt rustigere vaarwateren af met woest kolkende zeeën, geeft de bassist een prominente rol, en biedt heel wat vocale afwisseling gaande van black metal-screams over vervormde heldere zang (denk aan een band als het Australische Alchemist) en semi-cleane woeste uithalen. “Dreams of quiet places” heeft bij momenten een zware sludgy ondertoon (“Exiles“) maar vooral een industrial-achtige, coldwave en bijwijlen ruimtelijke atmosfeer over zich gedrapeerd wat versterkt wordt door de elektronische beats en machinale geluiden die in nummers als “Into soil“, “Spirit into chrystal” en de titeltrack opdraven en een apocalyptisch sfeertje neerzetten. De muzikanten toveren de ene na de andere plotwending uit hun mouw, maar nergens komt het geforceerd over. Extra hulde met andere woorden voor de nieuwbakken vellenmepper Ygg – voorganger DQ verkaste naar Blaze Of Perdition – die middels stijlvolle, avontuurlijke en bij wijlen swingende beats, ritmes en fills de boel vakkundig bij mekaar mept en van een goede flow voorziet. Fans van Blut Aus Nord, Dirge, Alchemist, Neurosis of de latere Mayhem moeten “Dreams of quiet places” zeker eens een kans geven. Gaat dat zien op Roadburn!

JOKKE: 87/100

Mord’A’Stigmata – Dreams of quiet places (Pagan Records 2019)
1. Between walls of glass
2. Exiles
3. Spirit into cristal
4. The stain
5. Void within
6. Into soil
7. Dreams of quiet places

Hegemone – We disappear

Onbekend is zeker niet onbemind, is al jaren het motto bij Addergebroed. Met de regelmaat van de klok worden ook wij nog eens stevig verrast door een onverwachtse release, alhoewel onverwachts in dit geval misschien met een korrel zout genomen mag worden. Al enige tijd raadde een kennis van me het nieuwe album “We disappear” van Hegemone aan, echter nu pas vond ik de tijd het album eens degelijk onder de loep te nemen. Het Poolse kwartet heeft blijkbaar al een uit 2014 daterend debuutalbum en een daaropvolgende split met het mij eveneens vrij onbekende, Wit-Russische Challenger Deep op haar naam staan en voegt anno 2018 nog een langspeler aan de discografie toe. Hoe een album dat al enige tijd uit is, nota bene via Debemur Morti Productions, zo lang onder mijn radar bleef zal voor eeuwig een raadsel blijven, maar vanaf heden volg ik elke stap die de band zet op de voet. “We disappear” is namelijk een parel van een album geworden waarop enkele invloeden van Amenra overgoten worden met een fikse vleug post-black metal, waarbij het riffwerk bijwijlen aan het vroegere werk van Fluisteraars doet denken. Het samenspel tussen bezwerende post-black gitaarspel, zelfs doorspekt met enkele zuivere post-rock riffs, de aanwezige rustpunten doorheen de plaat en de ijzingwekkende, getergde screams van zanger en bassist Jakub Witkowski vormt een coherent geheel waarbij elke song moeiteloos overvloeit in de volgende. Zoals het een Debemur Morti release betaamt zit alles productiegewijs ook weer snor, waarbij vooral de volle, krachtige bassound positief opvalt. Met een speelduur van meer dan 50 minuten doet Hegemone niet mee aan de nieuwe trend waarbij 30 minuten blijkbaar al voor een full length moet doorgaan (gesnopen, Marduk?), maar maakt de groep ruimte voor gelaagde spanningsbogen die nu eens in loodzware sludge (“Raising barrows”), dan weer in ijselijke black metal (“Тәңірi”) ontaarden. Doorheen “Π” ontwaren we ook de geest van het terziele gegane Amesoeurs. Zodoende lijkt het album wel een trip waaruit niet te ontsnappen valt, eens de play knop wordt ingeduwd vergeet je al snel dat er ook zoiets als pause of zelfs stop bestaat – tot plots die akelige stilte je verweesd achterlaat. Het was lang geleden dat een nieuwe band mij uit mijn goed vastgeknoopte combats blies, maar voor Hegemone bleek het een koud kunstje.

CAS: 88/100

Hegemone – We disappear (Debemur Morti Productions 2018)
1. Mara
2. Fracture
3. Raising Barrows
4. Π
5. ХанТәңірі
6. Тәңірi

Cepheide – Saudade

“Saudade” is een Portugees/Galicisch woord dat de mengeling van gevoelens van verlies, gemis, afstand en liefde beschrijft. Het is een moeilijk vertaalbaar woord maar in het Nederlands komen termen als “heimwee”, “melancholie” of “weemoed” aardig dicht in de buurt. En in het geval van Cepheide is het een perfecte term om haar debuutplaat een naam te geven. De twee jaar geleden verschenen “Respire” EP kon hier al op heel wat bijval rekenen, zeker gezien de grote stap voorwaarts die gezet werd na de demo “De silence et de suie” uit 2014. Het uitgangspunt van het Parijse kwartet is nog steeds het combineren van de schoonheid en melancholie van post-rock en shoegaze met de ruwheid van black metal en bij elke release lijken ze de finesse van het master blenden beter in de vingers te krijgen. Op hun EP klokten beide songs nog boven het kwartier af, maar de vijf nieuwe nummers die op “Saudade” prijken, vertellen hun verhaal in gemiddeld een minuut of acht. Hoewel er natuurlijk nog steeds voldoende ruimte is voor een weidse atmosferische opbouw en spanningsbogen (zoals bij het afsluitende “Auréole“), komt Cepheide nu sneller tot de kern van de zaak – vooral voor zij die bij deze aanpak steeds smachtend zitten wachten totdat die black metal explosie er eindelijk aankomt – en het repetitieve hypnotiserende element werd ietwat achterwege gelaten. De vocalen blijven aan de eentonige kant, vormen eerder een extra instrumentale laag dan dat ze daadwerkelijk teksten lijken uit te braken en geven het black metal-element een depressief kantje. Doorheen de breed uitwaaierende crescendo post-rock tapijten die nergens zeemzoet klinken maar steevast “saudade” uitademen, ontwaart de aandachtige luisteraar subtiele bas-klanken die desondanks hun verdrongen positie toch hun steentje bijdragen aan de sfeerzetting. Bij een band als Cepheide is het nog moeilijk te zeggen of het nu black metal of post-rock is die de overhand neemt. Ik was al fan en blijf dat ook. By the way: Waar blijft de interesse van de platenlabels?

JOKKE: 84/100

Cepheide – Saudade (Eigen Beheer 2017)
1. Une nuit qui te mange
2. Madone
3. La lutte et l’harmonie
4. Le cinquième soleil
5. Auréole

Woe – Hope attrition

Het Amerikaanse Woe timmert al tien jaar aan de weg en lijkt album na album meer zieltjes voor zich te winnen met haar kwaliteitsvolle USBM. Met debuut “A spell for the dead of man” uit 2008 liet Woe destijds een fris post-black geluid horen, wat ondertussen door een pak andere bands verder uitgemolken werd. Voor de twee volgende platen verkaste Woe naar Candlelight Records en ten tijde van “Quietly, undramatically” uit 2010, breide oprichter en mastermind Chris Grigg zijn geesteskindje uit tot een volwaardige band. Hoewel ik deze plaat onsamenhangend vond klinken, kwam de overstap naar het nieuwe label de naamsbekendheid ten goede. Twee jaar later verscheen dan “Withdrawal” waarop meer post-hardcore elementen in de sound geïncorporeerd werden. Sindsdien is er echter een vrij groot verloop aan bandleden geweest, maar dat krijgt Woe niet klein, want met “Hope attrition” verschijnt nu een nieuwe plaat op het Duitse Vendetta Records, een label dat perfect bij deze band past. Bij Woe draait het nog steeds om thema’s zoals angst, verlies, depressies, negativisme, geweld, wanhoop, falen en agressie, iets wat niet alleen duidelijk wordt uit de albumtitel en het grijze artwork maar ook bij de openingsscream “This is a failure!” die na drie minuten naar je kop geslingerd wordt. De hogere naar hardcore neigende screams van Chris worden meer en meer afgewisseld met de diepere vocalen van bassist Grzesiek Czapla, wat voor de nodige dynamiek en afwisseling zorgt en parallellen trekt met labelgenoten Ultha; beide bands trekken niet voor niets samen de hort op de komende weken. Een andere overeenkomst met deze Duitsers is hun afkeer voor NSBM wat duidelijk naar voor komt in “No blood has honor“. In “Drown us with greatness” lijkt de zinsnede “A man beyond a man – A man who bore a movement – Like a drill into the head of peace – A movement of god – For only god could wreak this vengeance” dan weer een sneer naar malloot Donald Trump te zijn. Er wordt sterk en strak gemusiceerd met extra complimenten voor drummer Lev Weinstein die we van onder andere Krallice kennen. De songs grijpen je bij de keel, zij het door de agressie die op je afkomt, zij het door het gevoel voor melodie dat allerminst uit het oog verloren wordt en zo van bijvoorbeeld “The din of the mourning” een heerlijke song maakt waarin beide aspecten samengesmeed worden, alleen weten de cleane vocalen niet volledig te overtuigen. De 48 seconden akoestische gitaren van “A distant epitaph” volgen al vrij snel als heel summier rustpuntje, maar had ik graag wat meer uitgewerkt gezien, want nu schieten ze aan hun doel voorbij. Voor de rest ligt het tempo verschroeiend hoog en kan je pas na drie kwartier terug wat adem happen. Met “Hope attrition” zal Woe ontegensprekelijk heel wat nieuwe zieltjes voor zich kunnen winnen. Het is hen gegund.

JOKKE: 84/100

Woe – Hope attrition (Vendetta Records 2017)
1. Unending call of woe
2. No blood has honor
3. A distant epitaph
4. The din of the mourning
5. The ones we lost
6. Drown us with greatness
7. Abject in defeat

Downfall Of Gaia – Atrophy

Het Duitse Downfall Of Gaia is een atmosferische sludge/post-black metal band die op een grote aanhang mag rekenen, getuige hun laatste passage waarbij ze samen met het Australische Hope Drone op een snikhete doordeweekse avond in augustus het Utrechtse DB’s best aardig gevuld kregen. Je oogst wat je zaait en in het geval van deze hardwerkende band is het niet meer dan verdiend. Middels de eerste langspeler “Epos” en enkele splits en EP’s die via kleinere underground-labels verschenen, speelden de vier Duitsers zich in de kijker van het grote Metal Blade Records dat de band binnenhaalde en waardoor “Suffocating in the swarm of cranes” in 2012 een breder publiek bereikte. Tijdens de aanloop naar “Aeon unveils the thrones of decay” uit 2014 werd drummer Johannes Stoltenberg vervangen door de Amerikaanse klassetrommelaar Michael Kadnar (Black Table), waardoor de black metal elementen die hun sound reeds waren ingeslopen nu verder uitgediept konden worden op een met momenten beenharde plaat. Crust- en hardcore kids die gaandeweg hun weg naar black metal vinden; het is een traject dat we zich de afgelopen jaren meermaals hebben zien voltrekken, maar in het geval van Downfall Of Gaia voelt het oprecht aan. De nieuwe derde langspeler “Atrophy” verschijnt eerstdaags en ook nu valt er een nieuw gezicht te spotten in de band. Gitarist Peter Wolff hield het voor bekeken en de Italiaan Marco Mazzola mocht zijn gitaar mee komen inpluggen naast oudgedienden Anton Lisovoj (bas en zang) en Dominik Goncalves dos Reis (gitaar en zang). Het nieuwe bandlid breidt het aantal nationaliteiten binnen de band opnieuw uit maar zorgt op muzikaal vlak deze keer echter niet voor een nieuwe invalshoek want ten opzichte van de voorganger vallen er geen grote veranderingen te bespeuren. Nog steeds belichaamt Downfall Of Gaia’s snoeiharde mix van sludge, black en post-metal hun visie op de mensheid die het zaakje hier op aarde vakkundig naar de kloten aan het helpen is. Aardse aggressie wordt afgewisseld met ingetogen atmosfeer en pakkende melodieën, wat een asgrauw en sombergrijs universum creëert. Door de bocht genomen ligt het tempo hoog en roffelen de drums stevig door maar op “Ephemerol“, waarvan jullie de clip hieronder kunnen zien, neemt de band gas terug en wordt een tragische sfeer neergezet. Met veertig minuten speeltijd is “Atrophy” eerder aan de korte kant voor Downfall Of Gaia begrippen, maar het levert wel een compacte, sterke plaat af die de voorganger echter niet overtreft.

JOKKE: 81/100

Downfall Of Gaia – Atrophy (Metal Blade Records 2016)
1. Brood
2. Woe
3. Ephemerol
4. Ephemerol II
5. Atrophy
6. Petrichor

Mortichnia – Heir to scoria and ash

Knap als een debuut van een voorheen onbekende band op een eveneens onbekend label je weet te overtuigen. Bij deze is de clue van de review meteen verklapt! Het uit Dublin afkomstige kwintet Mortichnia brengt via Apocalyptic Witchcraft Recordings (o.a.Zatokrev en Caïna) met “Heir to scoria and ash” een plaat uit die liefhebbers van het ter ziele gegane Altar Of Plagues zeker moet kunnen bekoren. Het feit dat het album geproduceerd, gemixt en gemastered werd door diens mastermind James Kelly, versterkt de vette knipoog naar Altar Of Plagues nog meer. Goed om vast te stellen dat Kelly nog steeds interesse heeft in het heavy gebeuren naast zijn elektronisch soloproject Wife. Mortichnia als een klakkeloze kopie van Altar Of Plagues afdoen, zou de heren echter onrecht aandoen. Dat ze post-black metal als basis nemen, waarbij het er net iets minder uitgesponnen atmosferisch aan toe gaat dan bij de Cascadian scene, valt niet te ontkennen. Deze fond wordt echter op smaak gebracht met beklemmende doom metal en wanhopige screams, die refereren aan Ash Borer, en met momenten gaat het er behoorlijk progressief aan toe. Het is vooral de licht industriële sound (ietwat kil klinkende drums) van de interessante mix aan stijlen die een link met de zwanenzang van Altar Of Plagues oproept. Zo wisselen beklijvende atmosferische passages af met laag gestemde grommende doom/death riffs (die wel wat weghebben van Bölzer) en ondersteunende dubbele basdrums. De riffs wringen zich met momenten uit hun strak omlijnd keurslijf om de nodige dissonanten op de gitaarfrets en -snaren op te zoeken.Thematisch gezien handelt dit werkje over de veroordeling van de menselijke zwakheid en het ontwaken van een onweerlegbare spijt.De vier monsterlijke songs en intermezzo halen inspiratie uit een misantropisch instinct en verhalen over een verwekt verdriet, ondersteund door catharsische visioenen van vergankelijkheid. Opgewekte jongens dus! Dit is een debuut dat kan tellen en Mortichnia is er dus weeral eentje om in het oog te blijven houden. Oordeelt u hieronder zelf maar!
JOKKE: 81/100

Mortichnia – Heir to scoria and ash (Apocalyptic Witchcraft Recordings 2016)
1. Searing impulse
2. Carrion proclamation
3. The waning
4. A furious withering
5. Heir

Soul Dissolution – Pale distant light

Onze landgenoten van Soul Dissolution leveren met “Pale distant light” dé perfecte soundtrack af voor het ongure weertje van de laatste dagen. De band startte in 2012 als een zijproject van twee leden van L’Hiver En Deuil maar is ondertussen tot een volwaardige entiteit uitgegroeid die het absoluut verdient om gehoord te worden! De melancholische violen van opener “Waiting” zetten meteen de toon voor een vijftig minuten durende (zij het grijze en bleke) emo-trip. “Emo” in positieve zin wel te verstaan. “Gevoel” lijkt immers het codewoord te zijn waarrond het allemaal draait bij Soul Dissolution. Elke song bevat wel een arrangement of melodie die op je emotionele ziel inhakt. Voeg daarbij de sterke, verstaanbare screams van Acharan en de subtiele orchestratie, waar bezieler Jabawock (o.a. ook Marche Funèbre) een goed oor voor heeft, en je krijgt verdomd pakkende songs zoals “This red painting in the sky”, een nummer dat ook reeds op hun demo “Cold rays and grey waves” te bewonderen viel. De post-black metal van Soul Dissolution ligt in het vaarwater van bands als Alcest, Agalloch, (oude) Katatonia en Forgotten Tomb. Heel af en toe schakelt de band een versnelling hoger zoals in “And every single step” waarin ingehuurde drumkracht Forge Stone (Norse, Gods Of Eden, ex-The Amenta) al eens een blastje mag plasseren. In deze song vallen ook de cleane vocalen positief op hoewel deze slechts héél sporadisch ingezet worden. Sleutelcompositie op “Pale distant light” is het in drie delen onderverdeelde en bijna een kwartier durende “The final dissolution”. Het eerste deel “Hatred spawned from longing” heeft haar naam absoluut niet gestolen want hierin horen we de band het hardst van leer trekken en wordt de opgekropte woede middels stevige black gekanaliseerd. Het contrast met het instrumentale “Fields of stone” kan bijna niet groter zijn. Als kers op de taart koos de band voor een niet voor de hand liggende cover van het ondergewaardeerde October Tide, een oud zijproject van Katatonia-leden Jonas Renkse en Fredrik Norrman. Wie niet beter weet, zou zeggen dat het om een eigen compositie ging, want deze song past perfect bij de rest van de plaat. Goede keuze met andere woorden en bedankt jongens om mij deze vergeten parels nog eens terug te doen opzetten. “Pale distant light” is met haar pakkende songs, sterke productie en knappe hoes een totaalplaatje (en exportproduct in spé) om trots op te zijn.

JOKKE: 85/100

Soul Dissolution – Pale distant light (Throats Productions 2016)
1. Waiting
2. This red painting in the sky
3. And every single step…
4. Anchor
5. Immanence of unfulfillment
6. The final dissolution, part 1 – Hatred spawned from longing
7. The final dissolution, part 2 – Fields of stone
8. The final dissolution, part 3 – Pale distant light
9. Echoes of dissolution
10. Sweetness dies (October Tide cover)