Akatechism/Slidhr – Amongst the lost light of misaligned stars

Het Iers/IJslandse Slidhr keert twee jaar na het verschijnen van diens tweede full length ‘The futile fires of man” terug aan het front middels een 7 inch split die ons tevens doet kennis maken met het Duitse Akatechism. Achter deze band schuilt Shrine Of Insanabilis drummer Serpenth die wordt bijgestaan door zanger/gitarist/Bassist AnV en voor hun eerste teken van leven, de “Dripping flames“-demo, moeten we al naar 2015 terugkeren. In 2016 maakten Slidhr en Shrine Of Insanabilis deel uit van een tour package dat ook nog Acherontas en Sinmara bevatte; het zou me niet verbazen dat het idee voor deze split toen ontstaan is. Akatechism krijgt de eer om het zaakje op gang te trappen en doet dat middels opzwepende zwartmetalen klanken met vocalen die lekker galmen en eerder naar orthodoxe death metal neigen. Het tempo doet meer dan enkel razen en neemt af en toe wat gas terug om zich slepend voort te bewegen. Wanneer de drummer dan toch nog eens volle gas wilt gaan, worden de uitbarstingen vergezeld van heerlijk snijdende tremolo-riffs. Slidhr start nog enigszins ingetogen met eerder doomy black die vergezeld wordt van plechtstatige melodieën en haast engelachtige gezangen. Rond 1:24 wordt er enkele versnellingen hoger geschakeld en worden krachtige zang en een mix van black en atmosferische death metal op ons afgevuurd. Maar ook verderop in deze zes minuten durende compositie wordt nog teruggegrepen naar mid-tempo snelheden en atmosferische randanimatie. Nog even meegeven dat deze split het laatste wapenfeit van bassist Garðar S Jónsson (Almyrkvi en Sinmara) is. Altijd leuk als er bij een split meer gaande is dan het louter samen kletsen van twee bands. Beide nummers zijn niet alleen aan mekaar gewaagd op basis van de geboden kwaliteit maar ook met elkaar verbonden door een cohesie tussen titel, teksten en (verbluffend) artwork. Een 7 inch split die op alle vlakken geslaagd is en een knap staaltje aan samenwerking – mét inachtname van social distancing – laat horen.

JOKKE: 82/100 (Akatechism: 82/100 – Slidhr: 82/100)

Akatechism/Slidr – Amongst the lost light of misaligned stars (Ván Records 2020)
1. Akatechism – Amongst the lost light
2. Slidhr – Of misaligned stars

Moenen of Xezbeth/Оброк – Split

Belgians finest Moenen Of Xezbeth – groot was mijn verbazing dat dit hun debuut is op Addergebroed – trok voor de gelegenheid naar Hongarije om een partner in crime te zoeken voor diens nieuwste split. Het mij onbekende Оброк werd de uitverkorene. Maar laten we met onze landgenoten beginnen. “Temple gates invocation” klinkt op en top als Moenen Of Xezbeth: mid-tempo proto-black met sinistere keyboards en onheilspellende gitaarmelodieën, een vuige (kelder)sound, verdorven screams, mysterieus gefluister en een incidentele klokslag. We worden steevast 25 à 30 jaar terug in de tijd gekatapulteerd. Het Hongaarse Оброк koos een bandnaam die verwijst naar een oude heilige plaats waar goden of overleden familieleden aanbeden werden en had tot dusver een drietal rehearsal opnames op haar naam staan. Het duo A. (zang en drum) en N. (gitaar, bas en orgel) speelt naar eigen zeggen “primitive old-school black/doom mysticism“. Een vlag die de lading dekt want ook hier is het tempo eerder aan de lage kant, wat verder niet wil zeggen dat er geen groove in de riffs verwerkt zit. Een naar stoner neigende groove bijna door het nogal bassige gitaargeluid. Orgeltoetsen zetten een mystiek begrafenissfeertje neer en halfweg wordt de distortionpedaal losgelaten om een rustpunt in te bouwen waarbij clean gitaargetokkel en fluisterende stemmen het mooie weer maken. De normale scream heeft een vrij diep stemtimbre en door de effecten die erop gezet zijn, neigt deze wel wat naar een obscuur death metal stemgeluid. Ook Оброк en diens duidelijk uit het Oostblok afstammende sound kreeg een passende underground “productie” aangemeten. Erg geslaagde split voor liefhebbers van old-school black en doom!

JOKKE: 84/100 (Moenen Of Xezbeth: 83/100 – Оброк: 85/100)

Moenen of Xezbeth/Оброк – Split (Medieval Prophecy Productions/Terozin 2020)
1. Moenen Of Xezbeth – Temple gates invocation
2. Оброк – Светилище

Nahtrunar/Hesychia – Split

Toen ik bovenstaande split in talrijke online shops zag verschijnen, klikte ik deze zonder verpinken in mijn winkelkarretje. Hesychia deed dan wel geen belletje rinkelen, het Oostenrijkse Nahtrunar kan in mijn ogen niet veel verkeerd doen. Toen bleek dat de vinylversie erg karig met info was (eigenlijk enkel vermelding van de bandnaam en songtitels) ging ik online verder op zoek naar dat mysterieuze Hesychia. Vreemd, de zoekfunctie op Metal Archives leverde niets op. Zou het dan om een kakelverse band gaan? Niets van dat, Hesychia blijkt een dark ambient project te zijn van ene Arthur Rosar (dank u Discogs!) die een verleden als zanger bleek te hebben bij Abigor en de platen “Fractal possession” en “Time is the sulphur in the veins of the saint – An excursion on Satan’s fragmenting principle” in zong. “Op zich wel interessant zo’n split met een black metal en dark ambient kant”, dacht ik “hoewel dat laatste ook garant kan staan voor weinig omvattend geneuzel en gekabbel”. Wanneer de naald zakt, maak ik kennis met “Nacht” een twintig minuten durende compositie van Nahtrunar. Het duurt even alvorens de nietszeggende ambient-intro overslaat naar beklijvende tremolo picked riffs die op ons afgevuurd worden te midden van de second wave black metal waarmee deze Oostenrijkse eenzaat ons al twee demo’s en drie langspelers lang bestookt. De gitzwarte melodieën weten ons te raken in het diepste van ons hart en nemen regelmatig een Negative Plane-achtige old-school vorm aan, maar evengoed leunen ze naar heavy metal-achtige melodieuze epiek toe. Uiteindelijk mondt deze kolossale compositie in duistere ambient uit om ons alvast voor te bereiden op het tweede luik van deze split. Kant A rechtvaardigt de aanschaf al, oef! Over naar kant B voor “Licht“, opnieuw een werkstuk van ruim twintig minuten dat ondanks wat de titel laat vermoeden misschien nog meer duister is uitgevallen dan de zwartmetalen klanken die we reeds te verwerken kregen. Hesychia levert een erg bevreemdende compositie af die echter zo dermate goed van de ene naar de andere passage vloeit, dat het een soort van soundtrack voor een deprimerende kortfilm zou kunnen zijn. Alle ingrediënten voor een innemende rit naar de donkerste krochten van je ziel zijn aanwezig: gaande van een triomfantelijk klinkende introductie met blazers en paukenslag over spookachtige soundscapes met vervormde zang en beats tot huiveringwekkende noise. Nadien gaat deze ruwe climax over in berustende heldere klaagzang die wel wat weg heeft van Amenra’s Colin H. van Eeckout en pikzwarte dark ambient die een omineuze atmosfeer à la Sembler Deah creëert. Maar er schijnt, zoals het artwork laat zien, ook wel een hoopgevend lichtpunt doorheen de duisternis, en dat bij zowel Nahtrunar als Hesychia. Conclusie: erg geslaagde split die, ook al ben je net als ik misschien niet de grootste liefhebber van ambient, veertig minuten lang weet te beroeren. Straffer nog, Hesychia heeft me zelfs nog net iets meer weten te imponeren dan Nahtrunar.

JOKKE: 83/100 (Nahtrunar: 82/100 – Hesychia: 84/100)

Nahtrunar/Hesychia – Split (Altare Productions 2020)
1. Nahtrunar – Nacht
2. Hesychia – Licht

Aara – En ergô einai

De Verlichting was een intellectuele beweging uit de achttiende eeuw waarbij wetenschappelijk denken vanuit rationalisme en empirisme centraal stond. Het is de voedingsbodem voor Aara’s tweede langspeler “En ergô einai” (geen idee wat die titel betekent – iemand?) die via Debemur Morti Productions wordt uitgebracht. De kern van deze Zwitserse band bestaat uit Berg (gitaar, bas en keyboards) en Fluss (zang) die voor de opnames bijgestaan werden door drummer J. In de negen minuten durende opener “Arkanum” horen we echter nog een veel bekendere gastmuzikant aan het werk. De spookachtige atmosferische, deels akoestische, intro is immers van de hand van Vindsval (Blut Aus Nord en Yerûšelem), niet de minste om op je plaat te laten meespelen. Deze inleidende klanken monden uit in het eerste hoofdstuk van de reis van de zoektocht van de mens naar kennis en betekenis in tijden van Verlichting. Muzikaal wordt dit vertaald naar een plotse storm van ratelende drums, scheurende gitaren en helse kreten. Door die orkaan van intensiteit stroomt echter een hartverscheurende melodie, gedragen door golvende en glimmende tonen die tegelijkertijd ook verlangende en opbeurende kwaliteiten vertoont. Voor het eerst wordt de mens geconfronteerd met de idee van het bestaan ​​van een individu, losgemaakt van religie en klassen – wat de ontwikkeling van wetenschap en cultuur vooruit hielp. De constante afwisseling van emoties en stemmingen in de songstructuur brengt de kloof tussen nieuw en oud in beeld en geeft uitdrukking aan de afstandelijkheid van de conventionele en euforische stemming. “Arkanum” beschrijft het begin van een ontwikkeling die de mens in diepe vragen en de zoektocht naar betekenis zal storten. Het verhaal eindigt bij “Telôs” dat handelt over de illusie en chaos in de door de mens gemaakte wereld en is gebaseerd op het besef dat het doel en de zin van het leven in de ervaring van het pure moment liggen. Het nummer begint met een koorstuk dat het heroïsche ideaal van het doel (‘Telôs’) weerspiegelt, dat de mens onvermoeibaar op jacht gaat naar de reis van zelfontdekking en wordt onderbroken door een rauwe maar hoopvolle passage die de realisatie van de werkelijkheid belichaamt. Steeds meer doorbreekt een melancholische en hymnische melodie het oppervlak, een moment tussen wanhoop en acceptatie. Een laatste rebelse uitspatting weerklinkt alvorens het koor uit het begin van het nummer terugkeert en “En ergô einai” beëindigt. Daartussen liggen nog drie andere composities waarin Aara haar kracht uitbundig kan etaleren, namelijk het vermogen om het hart van extravagante sonische black metal-omwentelingen te doorboren met prachtig vloeiende en van karakter veranderende melodieën die meermaals een etherische helderheid uitstralen. Het verraadt een klassiek geschoolde aanpak. Het enige minpuntje vind ik de vrij eentonige high-pitched krijsstem die wat weg heeft van oude Hecate Enthroned. Niet verwonderlijk aangezien Fluss een dame is – waarmee ik verder geen afbreuk wil doen aan de vele goede black metal zangeressen die er rondlopen – maar haar scream kon wel wat meer diepte verdragen. Gelukkig bevat de muziek ook vele instrumentale passages om je op te laten meevoeren en waarbij het wel duimen en vingers aflikken is.

JOKKE: 82/100

Aara – En ergô einai (Debemur Morti Productions 2020)
1. Arkanum
2. Stein auf Stein
3. Aargesang (Aare II)
4. Entelechie
5. Telôs

Burzum – Thulêan mysteries

Burzum is een van de bekendste namen uit de black metal geschiedenis dankzij de excentrieke Vikarnes. De moord op ander genre icoon Øystein Aarseth aka Euronymous maakte hem berucht en zijn regelmatig wederkerend gezwets sindsdien houdt hem min of meer in de kijker. “Thulêan mysteries” is vernoemd naar de Burzum single uit 2015 en is een verzameling losse nummers die Varg over de jaren heeft bijeengesprokkeld. Een verstandige zet, want ik neem aan dat de extreme fans dit sowieso wel zullen kopen, hoeveel percent totale rommel de release ook bevat. Nu hou ik best wel veel van minimalistische ambient, neo-folk en darkwave, maar deze kant van Burzum heeft me nooit overtuigd. Het is meestal gewoon doelloos gepingel, gespeend van een pakkende sfeer, een vrij essentieel element voor het genre. Alle tracks afzonderlijk bespreken heeft weinig zin. Het zijn er gewoon te veel en de meeste vallen ofwel onder de categorieën “willekeurig gitaar geklooi”, “willekeurig synthesizer geklooi” of “iets met onnozel gezang”. Varg zegt zelf dat het vaak overblijfsels zijn van eerdere albums en als je hoort hoe twijfelachtig die al waren, dan weet je dat dit niet veel soeps is. Het best kan ik het omschrijven als het werk van een LARP´er die zich aan muzikale fan-fictie heeft gewaagd zonder zich te laten tegenhouden door een lastig criterium als kwaliteit. Waar ik zelfs de latere metal releases van Burzum nog kon pruimen, is dit gewoon een slordige 80 minuten aan tijdverspilling over twee schijfjes die regelrecht de vuilbak in kunnen.

Xavier: 30/100

Burzum – Thulêan mysteries (Byelobog Productions 2020)
Disc 1
1. The sacred well
2. The loss of a hero
3. ForeBears
4. A Thulêan perspective
5. Gathering of herbs
6. Heill auk sæll
7. Jötunnheimr
8. Spell-lake forest
9. The Ettin stone heart
10. The great sleep
11. The land of Thulê
12. The lord of the dwarves
13. A forgotten realm
14. Heill Óðinn, sire
15. The ruins of dwarfmount
16. The road to Hel
17. Thulêan sorcery

Disc 2
1. Descent into Niflheimr
2. Skin traveller
3. The dream land
4. Thulêan mysteries
5. The password
6. The loss of Thulê

Duivel – Hunkeren naar een ouderwetse bak satanische black metal

We sprongen een gat in de lucht toen we vernamen dat de geweldige Duivel EP die in 2019 verscheen, een vervolg kreeg in de vorm van een volwaardige plaat. “Tirades uit de hel” is een knaller van jewelste die een storm van dood en verderf door mijn huiskamer joeg. Achter deze duivelse black metal-band schuilen enkele oudgedienden van de Nederlandse black metal-scene die duidelijk weten hoe ze een ouderwetse bak satanisch zwartmetaal op plaat moeten knallen. Bijkomend pluspunt aan “Tirades uit de hel” is dat er op vocaal vlak niet voor één satansmond gekozen werd, maar dat er meerdere strotten hun gal spuwen. We schotelden gitarist N enkele vragen voor. (JOKKE)

Vorig jaar verscheen uit het niets Duivel’s eerste gelijknamige EP. Was de oprichting van Duivel iets dat al langer aan het borrelen en smeulen was of eerder een soort van impulsieve drang van enkele gelijkgestemde zielen?
Het idee om muziek op te nemen was een redelijke spontane gedachte. D (drummer) vertelde me dat hij hunkerde naar black metal van de oude school, de muziek waarmee we beiden opgroeide. Ik liep zelf ook al enige tijd met diezelfde drang rond, maar het was nog niet meer dan een behoefte, een onuitgewerkt plan… Eigenlijk was het op de achtergrond al langer aan het borrelen, aangezien ik al lange tijd behoefte had aan een ouderwetse bak satanische black metal, maar die is in Nederland nauwelijks tot niet meer te vinden, dus daar moest verandering in komen. Je ziet dat deze stijl toch niet vaak meer de kop opsteekt in het huidige muzikale landschap. Aangezien we beiden van het snelle handelen zijn, doken we meteen de studio in om met zijn tweeën de basis te leggen voor wat Duivel nu geworden is, met de 7” als resultaat. Zoals je zelf al zegt, hebben we hier wat gelijkgestemde vrienden bij gevraagd om ons te versterken en het resultaat is nu daar.

Op de achterkant van de EP zagen we vijf moeilijk te identificeren tronies, terwijl er op de nieuwe bandfoto’s nog slechts drie leden lijken over te blijven hoewel het kloppend muikaal hart van Duivel uit vier individuen lijkt te bestaan. Hoe zit dat juist?
De basis van Duivel wordt gevormd door D en mezelf: wij bepalen wat er gaat gebeuren en boetseren het werk zoals wij dat voor ogen hebben. De overige betrokkenen dragen hier hun steentje toe bij om het geheel te perfectioneren en krijgen daarin ook alle vrijheid om toe te voegen wat ze willen. Hierin hebben ze ook het absolute vertrouwen gekregen, aangezien we ze er anders niet bij betrokken zouden hebben! Hun aandeel is natuurlijk even belangrijk als het onze, dus hoewel ze wellicht niet “de kern” vormen, is hun bijdrage wel net zo belangrijk!
De reden waarom er maar drie mensen op de foto staan, heeft een eenvoudige verklaring en dat is de meest saaie: logistiek. Probeer maar eens zes gasten uit drie verschillende landen bij elkaar te krijgen voor een bandfotosessie die nog geen 10 minuten duurt.

Duivel is ook niet 100% Nederlands want, naast de Belgische gastzanger B, kennen we jullie bassist van de Amerikaanse band Black Anvil. Hoe is P bij Duivel betrokken geraakt en is hij ook fysiek aanwezig geweest in de opnamestudio?
P is al jaren een goede vriend van me, een vriendschap die nog stamt uit de tijd dat ik nog met grote regelmaat death en black metal concerten en festivals organiseerde in de legendarische Goudvishal te Arnhem. P speelde er met zijn (oude) bands en we hebben altijd contact gehouden. Toen we bezig waren met de opnames, kon ik eigenlijk maar aan één persoon denken die ik de basgitaar voor zijn rekening wilde laten nemen en nog voor ik het hem vroeg, wist ik het antwoord al! Zijn stijl van bassen is exact de manier die ik graag hoor en die denk ik ook echt een goede toevoeging voor Duivel is. Het was niet mogelijk voor hem om even heen en weer uit New York te komen om de opname te doen, dus was het binnen een paar dagen gepiept via de digitale snelweg. Overigens was hij begin maart nog voor een paar dagen op bezoek hier, maar we hebben die tijd niet gebruikt om meteen de studio in te duiken, in plaats daarvan hebben we enkele vrienden in Eindhoven bezocht.

Op jullie toepasselijk getitelde debuut “Tirades uit de hel” horen we vier verschillende vocalisten aan het werk. S (Galgeras, ex-Fluisterwoud) nam drie van de zes nummers voor zijn rekening, terwijl de drie overblijvende songs netjes verdeeld werden over B (ex-Lugubrum), V (Vaal, Ravenzang) en W (Urfaust). Zijn alle vocalisten als het ware gastzangers of beschouwen jullie S min of meer als vaste haatverspreider?
S is inderdaad min of meer de vaste zanger. Toen we met dit hele duivelse ding begonnen, was er geen twijfel mogelijk over wie de zang voor zijn rekening moest nemen: dat kon er eigenlijk maar één zijn en dat was het Beest van Beuningen! D en ik speelde al langer met het idee om bij de opname van een eventueel album enkele vrienden te vragen om ook een steentje bij te dragen, dus daarom is er voor gekozen om de nummers te verdelen zoals we dat gedaan hebben. De dynamiek die daardoor ontstaan is, geeft het album nog een extra trap onder de kloten!

Waarom werd er specifiek voor deze vier salpeterstrotten gekozen?
Het zijn stuk voor stuk steengoede zangers, met elk hun eigen stijl en kwaliteit! Op deze manier kon er wat extra saus bij elk nummer… B heeft weer een totaal andere strot als V – maar toch klinken beide zeer passend bij de muziek. W zijn stem geluid is natuurlijk zo divers, die kan alles…. S is natuurlijk met zijn gore rasp ook niet te overtreffen! De combinatie en afwisseling van stemmen bleek naar onze eigen smaak een gouden greep; wat anderen ervan vinden zal ons verder worst wezen!

Stonden deze vuilbekkers telkens zelf in voor het schrijven van de boodschap die ze al schuimbekkend vertolken?
Iedereen was verantwoordelijk voor zijn eigen teksten. Elke zanger heeft zijn afzonderlijke nummer gekregen en kon daarmee aan de slag. W was zo creatief dat hij twee teksten geschreven heeft, één daarvan heeft hij overgedragen aan B, die direct enthousiast was over het thema en de boodschap erachter. Het was mooi om te zien dat, hoewel iedereen zijn eigen draai aan de nummers kon geven, alle songs, welliswaar op een andere manier van elkaar, gelijk zijn qua strekking en boodschap!

Is het de bedoeling op volgende platen opnieuw met verschillende (en eventueel andere) vocalisten te werken?
Dat is nog onduidelijk. D en ik hebben nog niet nagedacht over een volgende release, eerst moet deze maar eens officieel uit zijn, dan zien we wel verder wat we doen.
Na de 7” dachten we niks meer op te nemen en dat de boel wel dood was. Het originele idee om een 7” op te nemen was volbracht, dus het project was helemaal klaar en af voor ons beiden…maar bloed kruipt toch waar het niet gaan kan en uiteindelijk hadden we een paar maanden later toch weer zes nummers voor een album ingeblikt, dus wie weet?

Jij vuurt de duivelse riffs op ons af, maar we kennen je de laatste jaren vooral als drummer (o.a. Urfaust) en bassist (o.a. Herder). Wat is voor jou het instrument waarmee je je het best kunt uitleven en uitdrukken en werden alle songs door jou geschreven of was het eerder een collectief werk?
Eigenlijk ben ik gitarist van oorsprong, Fluisterwoud is daarvan wellicht het beste voorbeeld, aangezien ik daar de meeste nummers voor schreef destijds… maar de afgelopen 15 jaar was ik inderdaad eigenlijk meer actief als bassist of drummer. Het was lekker om weer eens even ouderwets de gitaar ter hand te nemen en nummers te schrijven zoals ik vroeger deed: zonder enige vorm van muzikale kennis, als het maar lekker klinkt in mijn hoofd. Ik heb voor Duivel alle nummers geschreven, al zit er wel een stukje gast-gitaar bij van mijn makker T. Hij was over uit Frankrijk om te tatoeëren en ging die dag mee naar de studio omdat hij niks te doen had en wel eens wilde zien waar ik mee bezig was. Ik vroeg hem spontaan om een riff bij te dragen toen hij op een gitaar aan het klooien was tijdens de opnames en ik denk dat het goed te horen is welke riff ik bedoel…In principe is het dus zo dat D en ik de basis leggen voor de nummers en die opnemen, daarna doet P de basgitaar erover, dan komt K op de proppen met zijn synths en daarna komen de vocalen!

Tirades uit de hel” verschijnt via Ván Records waar je ook met enkele andere bands gehuisvest bent. Was het moeilijk om Sven te overtuigen of is het bijna als vanzelfsprekend om jouw muzikale escapades via dit gerenommeerde underground label te verspreiden?
Niets is vanzelfsprekend in het leven, maar Sven had weinig overtuiging nodig volgens mij. Bij het horen van de 7” was hij meteen enthousiast en wilde die maar al te graag uitbrengen. We hebben toen min of meer carte blanche gekregen om een album op nemen, als we daar zin in hadden…. dus toen we eenmaal besloten dit te doen, was hij blij met het resultaat!

Qua stijl is het op basis van de line-up natuurlijk niet te verwonderen dat Duivel’s black metal terug grijpt naar de tijden toen alles beter was. Welke bands hielden jullie voor ogen bij het schrijven van de muziek?
De black metal van de jaren 90! Dat is waar D en ik een hunkering naar hadden: die sfeer wilden we, weliswaar op onze eigen manier, zelf neer kunnen zetten…. hoewel er wellicht niet meteen muzikale verwijzingen naar zitten, is het wel het werk van de oude Scandinavische scene die ons inspireerde! Wellicht kwam er door het schrijven weer wat oude Fluisterwoud naar boven drijven, dat kan ik niet ontkennen!

Ik vind dat de sound van jullie debuut de lading perfect dekt. De productie knalt maar is toch ook ruw genoeg en de basgitaar geraakte niet ondergesneeuwd. Waar en met wie achter de knoppen werd “Tirades uit de hel” ingeblikt?
Dat is de verdienste van D! Hij is een meester in het neerzetten van een sound en ik werk niet voor niets al bijna 20 jaar met hem samen als het aankomt op opnames. Ik heb in al die jaren voor zo veel bands en projecten met hem samengewerkt: “Langs galg en rad” van Fluisterwoud is met hem opgenomen, maar bijna ook de complete Urfaust-discografie komt van zijn hand; het was daarom ook een logische keuze met hem op te nemen, zeker omdat hij ook het initiatief ertoe nam. Doorgaans hebben D en ik aan een half woord genoeg, maar soms moeten we ook echt gruwelijk discussiëren over hoe iets moet klinken; soms heeft hij gelijk, soms heb ik gelijk. We zijn beiden koppig, botsen daarom soms ook, maar zijn ook niet voor niets al bijna 20 jaar lang vrienden.

Is Duivel louter een studioproject of zijn er ook plannen om haat en verderf te komen zaaien in onze contreien eens de Corona-crisis is overgewaaid?
Zeg nooit nooit, maar we zien het niet zo snel gebeuren. De afstand van P is natuurlijk niet praktisch en S zegt dat hij te oud, maar met name te gestoord, is om nog het podium op te klimmen. Ik kan me de tijden van Fluisterwoud met hem nog goed voor de geest halen en de band is destijds niet voor niets geklapt! Ook D heeft aangegeven geen behoefte te hebben het podium op te klimmen en om eerlijk te zijn geldt dat ook voor K en mijzelf; we zijn allemaal druk zat met onze eigen levens en iedereen heeft zijn eigen ding om op te focussen. Ik zie het niet gebeuren en ga het zeker niet forceren: het is met iedereen of het is met niemand.

Pandemiëen zoals de pest zijn al sinds het ontstaan van het black metal-genre een bron van inspiratie. Nu we toch bij dit onvermijdelijke thema aanbeland zijn, vroeg ik me af hoe jullie naar deze mondiale epidemie kijken nu dit voor ieder van ons een ‘dicht bij huis’-verhaal geworden is? Het is soms makkelijk eens geroepen dat een wereldwijde pandemie welgekomen zou zijn om het evenwicht tussen de mens en de natuur terug te herstellen (en dan voor velen het liefst ergens ver van huis), maar het wordt natuurlijk een ander verhaal als het virus jezelf of je naasten treft, niet?
Geen enkel weldenkend mens wil zijn dierbaren verliezen: of het nu aan zelfmoord, kanker, een pandemie als Corona of weet ik veel wat is… maar dat af en toe de gedachte de kop opsteekt dat een “grondige reset” wel eens goed zou kunnen zijn in de huidige zeitgeist, kan ik niet ontkennen. Het is in ieder geval voor iedereen een goede reality-check, aangezien mensen zich de afgelopen jaren nog enkel druk maakten over “first world problems”. Laten we hopen dat deze pandemie op dat gebied een kentering zal brengen.

En om in de sfeer te blijven: ik zag dat jullie drummer ooit deel uitmaakte van de black/industrial-band Drastically Reducing Earth’s Population of kortweg D.R.EP. die ik nog ken van de beruchte “Tswaert der duusternesse”-compilatie. Is er nadien eigenlijk nog iets gebeurd met die band?
Daar kan ik helaas weinig over zeggen, maar de laatste stand van zaken die ik weet is dat de heren in ieder geval het record gaan vestigen als het gaat om het zo laat mogelijk uitbrengen van hun debuut! De opnames die ik gehoord heb zijn geniaal en als het aan mij zou liggen had het al 15 jaar geleden uitgebracht kunnen worden…. maar kennelijk zijn de heren zelf nog niet tevreden.

Je staat net als ik op het punt om vader te worden. Denk je dat het vaderschap je beeld op de mensheid op één of andere manier zal aanpassen? Merk je een spanningsveld tussen de ‘boodschap’ die je via je muziek en teksten verspreidt en de waarden en normen die je aan je kind zal meegeven?
Gefeliciteerd! Nee, ik merk niks van een spanningsveld eigenlijk. Ik hoop dat het vaderschap me wat milder maakt en op sommige vlakken doet het dat ook, maar ik merk dat ik op andere vlakker een stuk radicaler geworden ben. Wie weet als die kleine er is, dat er dan nog een verschuiving der machten plaats gaat vinden, we zullen zien. Ik kijk ernaar uit! Natuurlijk zullen mijn vrouw en ik onze eigen waarden en normen proberen over te dragen aan ons kind, maar ik mag toch hopen dat onze kleine net zo’n sterke eigen wil zal hebben als die van zijn moeder en vader!

Jullie bandnaam windt er natuurlijk geen doekjes om. De duivel (of Satan) geldt als de personificatie van het kwaad. Moet black metal volgens jullie inherent een satanische boodschap uitdragen? Het statement dat jullie EP vergezelde (“Duivel is the rusty nail that is slowly driven under the nails of all that reeks of life affirming safe space treehuggery.”) lijkt me een sneer te zijn naar bands als Wolves In The Throne Room en consoorten, niet?
Black metal moet per definitie satanisch zijn, anders is het geen black metal…. en over die “safe space” rotzooi zal ik kort zijn: zulk soort onzin heeft toch niks met black metal te maken. Lachwekkend gewoon! Het beste is gewoon negeren die handel, geen aandacht aan schenken en vooral geen woorden meer vuil aan maken!

Dodenbezweerder – Vrees de toorn van de wezens verscholen achter majestueuze vleugels

Mories van Gnaw Their Tongues eet en slaapt blijkbaar niet want deze creatieve duizendpoot lijkt meer uren in een dag te hebben dan jij of ik. Met Dodenbezweerder – één van zijn tig projecten waarvoor hij hier samenwerkt met drummer S – zit de Nederlander blijkbaar in een erg creatieve flow want hoewel we recent nog enkele kleinere releases van Dodenbezweerder van een oordeel voorzagen, ligt er weldra een eerste volwaardige langspeler in de rekken van het mortuarium…en dan blijkt dat we zelfs nog de tussenliggende demo “De rook van de pijniging zal opstijgen tot in de eeuwigheid” gemist hebben. Het volwaardige debuut kreeg de welluidende titel “Vrees de toorn van de wezens verscholen achter majestueuze vleugels” mee waarvoor Mories de Nederlandstalige literatuurprijs in ontvangst zou mogen nemen. Het is een plaat die 38 minuten lang onwelriekende geuren laat opborrelen die zich omzetten in schurftige uitwasemingen die zich op je longen vastzetten en daar zelfs het coronavirus zouden moeten kleinkrijgen. Verwacht hier geen standaard composities met intro, brug, refrein structuur maar een vormeloze substantie die zich in allerhande bochten gaande van rauwe kelderblack tot horroreske ambient wringt. Ook wanneer het geweld wat stilvalt – zoals in “Opgeslokt door de ontzielde leegte” – wordt een bezwerende atmosfeer neergezet. De galmende feedback, uit het graf oprijzende wanhoopskreten en kletterende drums vormen het muzikaal equivalent van een heuse koortsdroom waarin je onrustige ziel getormenteerd wordt door plaaggeesten als Abruptum, Kwade Droes en Urfaust. Hoewel je soms naargesstige orgelklanken meent te ontwaren, bevestigt Mories dat er bij de creatie van dit monster geen synths aan te pas kwamen. Net zoals het voorgaand materiaal werden de zes nummers ter plaatse geïmproviseerd en opgenomen waarbij er enkel voor de “zang” overdubs aan te pas kwamen. Het moge duidelijk wezen dat deze verstikkende brok ketelherrie aan een negatieve en miserabele trance ontsproten is. Heerlijk! Samen met Mystagogue één van Mories zijn meest interessante en captiverende projecten.

JOKKE: 83/100

Dodenbezweerder – Vrees de toorn van de wezens verscholen achter majestueuze vleugels (Iron Bonehead productions 2020)
1. Vrees de toorn van de wezens verscholen achter majestueuze vleugels
2. Als het vuur van mijn toorn is ontstoken zal het branden tot in het diepste dodenrijk
3. Opgeslokt door de ontzielde leegte
4. Glimmende zwaarden door de mist van het evangelie
5. Zalf de voeten van het hoofdeloze lichaam
6. Haat in het aangezicht van de verscheurde zielen