No frills black metal mag in perpetuum op een speciale plek in mijn verdorven hart rekenen, waar het op een zacht bedje van door pure intestinale desintegratie haast volledig gestold bloed heen en weer mag wiegen tot de cadans van mijn hoofdorgaan het eindelijk en onherroepelijk voor gezien houdt. De smakelijke aftrap op deze “All stillborn fires, lick my heart!” mag gerust als schoolvoorbeeld gezien worden wat voorgenoemd ethos betreft, en Kringa is zonder meer een band die met een duidelijk doel voor ogen zijn klauwen rond de instrumenten vouwt en van leer trekt tegen de status quo. Wie zusterproject Hagzissa kent, weet dat hun attitude geen deel is van een part time job – Berstuk, Vritra en co nemen dit hele treffen bloedserieus. Het guitige kwartet uit Oostenrijk sleurt met eerder aangehaalde opener “Across the firmament, stride!” namelijk schuimbekkend als een bezeten hond de aorta uit de keel van de nietsvermoedende luisteraar – wees bij deze dankbaar voor de attentie in het (onwaarschijnlijke) geval je deze langspeler nog niet had gehoord. 

Wat volgt, zijn 42 minuten totaal losgeslagen en eigenwijze black metal, doordrongen van een passie voor het vak en een diepgewortelde onverschilligheid voor alle ondienstige overmaat. Wie meent dat onophoudelijke blastbeats en eindeloze dissonantie essentieel zijn voor memorabele zwartmetaal, klinkt mogelijks beter door naar een volgend artikel. Kringa etaleert comme d’habitude een eindeloos zwartgalligheid, galopperend op tempo’s die dichter aanleunen bij punk dan de alom geprezen 2nd wave, knoeit met klassieke songschema’s op manieren die voor de ongeïnitieerden als rommelig of oeverloos nonchalant mogen overkomen, maar in alle heimelijkheid bol staan van de geniale knipogen en gecontroleerde chaos, en doet al het voorgaande bovendien met de ogen dicht. De vocalen verdienen ook deze keer weer hun eigen accolades, gaande van antiklerikale en theatrale zang tot verbolgen en afgunst verhullende krijsen – en alles daartussen. Schijnbaar uit het niets duiken scabreuze interludia op waarbij deze bende grafschenders zichzelf als uitstekend bouwmeester van angstaanjagende spanningsvelden profileren, en op “Improvisation N.A.4.7.” schrijven ze en passant nog een van de betere oorwurmen van het voorbije jaar.

Opmerkelijk; Kringa’s gebruikelijke, dominante melancholie en veeleer depressieve stemming lijken plaats te hebben gemaakt voor een lichtelijk arrogant en ronduit triomfantelijk aura, dat in wezen naadloos aansluit bij hun bezwerende opvoeringen op het podium. Om de heren live korte metten te zien maken met een arme en op zijn laatste benen lopende Magasin 4, duidelijk sterk verdoofd en van geen greintje ontzag voor het publiek voorzien, er zullen weinigen zijn die het hen kunnen nadoen. 

JULES: 90/100

Kringa – All stillborn fires, lick my heart! (Terratur Possessions 2022)
1. Across the firmament, stride!
2. Gardens in bloom
3. Ablution
4. Labyrinth heirs
5. Vortex of stillborn fires
6. Improvisation N.A.4.7.
7. Yoke of a mirror shard