De mens als middelpunt van het universum? Vergeet het maar. Op “The anthropic sophisms (On the heights of despair)” ontmantelt het Tsjechische Inferno niet alleen menselijke arrogantie, maar ook elke verwachting van wat extreme metal zou moeten zijn. Dit negende album voelt in elk geval als een afdaling in een kosmische nachtmerrie waarin riffs, elektronica en rituele intensiteit samensmelten tot één hallucinerende ervaring.
Sinds hun oprichting in de jaren negentig heeft Inferno zich steeds verder verwijderd van conventionele black metal. Waar vroeg werk nog geworteld was in de orthodoxe duisternis van het genre, zoekt de band sinds “Gnosis kardias (of transcension and involution)” uit 2017 de grenzen op tussen mystiek, avant-garde, industrial en psychedelische vervreemding. “The anthropic sophisms” bouwt duidelijk voort op de beklemmende sfeer van “Paradeigma (Phosphenes of aphotic eternity)” uit 2021, maar klinkt nóg abstracter en onheilspellender.
Inferno werkt met spanningsvelden die bestaan uit repetitieve riffs die als een mantra blijven rondcirkelen, mechanische ritmes die een industriële dreiging oproepen en ijle, verontrustende klanken die uit de achtergrond lijken op te duiken. Het resultaat is black metal die duidelijk gericht is op psychologische ontwrichting.
Opener “Fission of the soul” zet meteen de toon en neemt ons mee op een reis waarbij we worden opgesloten in een sonische ruimte waarin de grenzen tussen mens, machine en kosmos vervagen. De mysterieus getitelde tracks waar we geen snars van snappen “Dekranos Katexochen (Mých smrtí je bezpočet, mých nemocí mnoho)” en “With raving mouths they utter things mirthless, unadorned and unperfumed” verdiepen die ervaring met hun dreigende gelaagdheid en duistere elektronica, terwijl afsluiter “Circulus vitiosus deus (The infinity ravages all)” uitgroeit tot een indrukwekkende hypnotiserende apotheose.
Bijzonder indrukwekkend is hoe Inferno chaos en controle met elkaar verzoent. De muziek klinkt voortdurend alsof ze op het punt staat uiteen te vallen, maar achter die schijnbare wanorde zit een nauwkeurig ontworpen architectuur. De productie, verzorgd met mixwerk van Tim De Gieter (Amenra, Treha Sektori) en mastering door James Plotkin (o.a. Khanate, Thou), geeft het album een massieve maar organische klank waarin elke laag zijn eigen dreiging behoudt.
Wie op zoek is naar toegankelijke black metal met duidelijke melodieën en traditionele structuren zal hier weinig houvast vinden. Liefhebbers van beklemmende, ambitieuze, compromisloze en diepgravende avant-garde black metal zullen hier echter met plezier hun tanden op kapot bijten. “The anthropic sophisms” vraagt immers geduld en overgave en geeft zijn geheimen slechts mondjesmaat vrij.
Inferno bewijst opnieuw dat extreme metal niet alleen een aanval op de zintuigen kan zijn, maar ook een filosofische en bijna existentiële ervaring. Dit is muziek waarin de mens ontdekt dat hij slechts een klein onderdeel is van iets veel groters.
JOKKE: 90/100
Inferno – The anthropic sophisms (On the heights of despair) (Debemur Morti Productions 2026)
1. Fission of the soul
2. Dekranos Katexochen (Mých smrtí je bezpočet, mých nemocí mnoho)
3. With raving mouths they utter things mirthless, unadorned and unperfumed
4. Circulus vitiosus deus (The infinity ravages all)
