Er staat duidelijk geen rem op de creativiteit van Sarkhildr die alleen al met Aftoktonia aan zijn zevende release in 2026 is toegekomen. We voorzagen dit jaar de vier langspelers (“Through nebulae of the empyrean aether“, “In perpetual orbit across the astral veil of celestial solar systems“, “Drifting: Through the endless architecture of voidborn lunacy” en “Wandering across hyperdimensional cathedrals of cosmic derangement“) van een waardeoordeel, maar lieten de splits met Coffret de Bijoux en Von Jeglichem Wort aan de kant liggen. Met de nieuwe EP “Anointed in weeping constellations” pikken we de draad weer op.

Daarvoor moeten we, zoals steeds, ergens in de kosmos zijn waar breed uitwaaierende gitaarlagen, steriele drumsalvo’s en ijle vocalen een oerknal proberen op te wekken. Het ambientelement dat zo vaak in het Aftoktonia-universum aanwezig is, blijft deze keer volledig opgeborgen. Daardoor zijn de drie nummers op deze EP veel sterker op gitaar georiënteerd. Aftoktonia komt hierdoor wat directer en agressiever voor de dag. In “Through thee, o starless abyss” wordt de aanval zelfs ingezet met verschroeiende tremolo’s. Dat betekent allerminst dat deze overrompeling geen ruimte laat voor een meer ingetogen en sfeervol intermezzo. Over de dynamiek wordt met andere woorden goed gewaakt, zoals ook het afsluitende titelnummer illustreert. Een eerder mid-tempo intro kan hier plotsklaps in overdrive gaan, waarna de drums aan intergalactische snelheid door het luchtruim klieven en de riffs je op een genadeloze rollercoaster meesleuren.

Het is goed dat Aftoktonia met zo’n grote output niet telkens voor dezelfde aanpak kiest, want anders zou het project al snel voorspelbaar worden. Toch horen we de in Noorwegen residerende Griek liever wanneer hij de meer atmosferische en kosmische kaart trekt. Daar lijkt de eigenaardige muzikale visie van Aftoktonia ons net iets beter tot haar recht te komen.

JOKKE: 75/100

Aftoktonia – Anointed in weeping constellations (Eigen beheer 2026)
1. The darkness of a cataclysm II
2. Through thee, o starless abyss
3. Anointed in weeping constellations