Na heel wat voorbereidend studiewerk in de vorm van enkele demo’s en een EP, is Hulder aan een eerste langspeler toegekomen. “Godslastering: Hymns of a forlorn peasantry” werd die gedoopt waarbij het eerste deel van de titel geen twijfel laat bestaan over de Nederlandstalige roots van mevrouw Hulder die ondertussen al enige tijd in het Amerikaanse Portland gehuisvest is. Het vierde nummer, “De Dijle“, is daarenboven een instrumentale song die nog verder inzoomt op de Belgische en meer bepaald Mechelse heimat. Wie deze one-woman band al langer dan vandaag volgt, weet dat Hulder’s black metal sterk geïnspireerd is door allerhande middeleeuwse folkloristische toestanden. Dat komt zeker ook in de muziek tot uiting middels akoestische gitaren en sprookjesachtige Gotische keyboard- en orgelklanken, maar laat je hier toch maar niet door op het verkeerde been zetten. De Belgisch-Amerikaanse mag in de erg geslaagde videoclip van opener “Upon frigid winds” dan nog zo liefelijk in een mooi wit kleedje met een mandje in de hand doorheen de velden dartelen, de zwarte kunsten blijven voor deze duivelaanbidster een bloedserieuze zaak zoals je even later met eigen ogen kunt zien. Heksenvervolgingen en een spetterend einde op de brandstapel zouden haar lot misschien geweest zijn als ze in de duistere middeleeuwen had geleefd. Muzikaal gezien wordt de mosterd gehaald bij de Noorse oerbeginselen van een Satyricon, Immortal en Isvind, maar ook een portie Venom en Bathory mag niet ontbreken. Aan dynamiek is er op “Godslastering: Hymns of a forlorn peasantry” geen gebrek, want tegenover rampestampers als de opener, “Sown in barren soil” of de vurige afsluiter “From whence an ancient evil once reigned” staan dan weer enkele sterke mid-tempo nummers zoals “Creature of demonic majesty” en het erg aanstekelijke, ietwat Keltisch aanvoelende “Purgations of bodily corruptions“. In het reeds eerder vermelde “De Dijle” worden de versterkers en drums zelfs de volledige zes minuten achterwege gelaten en nemen een aanstekelijk keyboardriedeltje en akoestisch gitaargetokkel, vergezeld van mysterieus gekrijs/gefluister en allerhande natuursamples, ons mee op een mystieke tocht langsheen deze rivier. Aan wie de drums uitbesteed werden, is me onduidelijk maar op het ritmisch departement werd veel vooruitgang geboekt vergeleken met de kleinere releases uit het verleden. En ook qua songwriting werden mooie stappen gezet waardoor de nieuwe nummers beter uit de verf komen. Het enige puntje van kritiek is dat Hulder’s krijsstem nogal vlak klinkt en de nodige diepte mist. In “A forlorn peasantry” haalt ze echter ook haar heldere zangstem van stal wat dan toch een mooi contrast oplevert met de raspende vocalen. Conclusie: Hulder heeft een onderhoudende eerste langspeler afgeleverd die niets nieuws onder de zon laat horen, maar wel erg degelijk is en een mooie progressie laat horen.

JOKKE: 82/100

Hulder – Godslastering: Hymns of a forlorn peasantry (Iron Bonehead Productions 2021)
1. Upon frigid winds
2. Creature of demonic majesty
3. Sown in barren soil
4. De Dijle
5. Purgations of bodily corruptions
6. Lowland famine
7. A forlorn peasant’s hymn
8. From whence an ancient evil once reigned