Het Noorse Aeternus zag ik eind jaren ’90 een paar keer live tijdens tournees met (als ik me goed herinner) o.a. Morbid Angel, Emperor, Deicide en Behemoth. Het is door het veelvuldig touren met enkele van deze deathmetalgrootheden, en het feit dat toenmalig drummer Vrolok steeds sneller kon spelen, dat er vanaf “Shadows of old” (1999) steeds meer deathmetalinvloeden begonnen door te sijpelen in het geluid van de Noren ten nadele van de unieke atmosfeer van hun mid-tempo dark metal op de klassiekers “Beyond the wandering moon” (1997) en “…And so the night became” (1998). Na “Ascension of terror” (2001) heb ik de band rond leider Ares dan ook niet meer gevolgd, waardoor ik de afgelopen 20 jaar vier langspelers van Aeternus gerateerd heb. Vorig jaar speelde de band op Unholy Congregation en stiekem verwachte ik (en velen met mij) een setlist met vooral materiaal van hun debuut-EP en twee eerste full-lengths, maar Ares en co hadden daar lak aan en deden stug hun eigen zin met een setlist die vooral op recent materiaal focuste (waar je ook wel respect voor moet hebben omdat op je klassiekers teren een veel gemakkelijkere optie zou zijn). In augustus speelde Aeternus op Beyond The Gates dan weer wel een setlist die ook naar de beginjaren teruggreep waarbij ougedienden Vrolok en bassiste Morrigan zelfs nog eens op het podium kropen.

Nu is er “Philosopher” de negende langspeler en eerste voor het Poolse Agonia Records die toch mijn interesse op één of andere manier wekte. Zanger/gitarist Ares is de enige die nog van de originele line-up overblijft, maar zijn medestrijders Phobos, Eld en Gorm draaien ondertussen toch ook al heel wat jaren mee aan Ares’ zijde. Voormalig bassist V’gandr leverde na zijn vertrek in 2012 nog steeds de teksten aan en die zijn deze keer wat filosofischer van aard wat meteen ook de albumtitel verklaart.

De eerste luisterbeurt van “Philosopher” beviel me zo goed dat de plaat de voorbije dagen ettelijke keren de revue passeerde. Er is immers terug heel wat meer ruimte voor donkere atmosfeer en het tempo lijkt wat gematigder te zijn (heel wat rollende basdrums in plaats van blastbeats), waardoor ik Aeternus anno 2023/2024 met veel plezier terug het label van hun uniek klinkende dark metal wil opkleven. Er worden regelmatig weemoedige cleane, folky gitaarpartijen in de nummers geïncorporeerd waardoor slepende songs zoals bv. “The intentionality of unitigated evil” of “World bleak nepotism” dankzij hun verhalende gitaarriffs op een bepaalde manier ook wel iets van een band als Primordial in zich hebben. De pure folksongs waarmee hun eerste drie langspelers eindigden behoren wel absoluut tot de voltooid verleden tijd.

Voorts vallen er in ondermeer opener “Existentialist hunter“, “World bleak nepotism” en “Wresting worm” beklijvende progressief getinte gitaarsolo’s te noteren die het melodieuze karakter van Aeternus’ muziek nog extra onderstrepen. Ares bewijst trouwens nog steeds over één van de betere strotten in het wereldje te beschikken en ook nu weer tilt hij de songs met zijn diepe maar verstaanbare grunt naar een hoger niveau. “Void of venom” is één van de meest opvallende composities daar het nummer eerst atmosferisch en instrumentaal opbouwt waarbij er heel wat cleane gitaarpartijen aan te pas komen, om dan plotsklaps een up-tempo passage op je los te laten terwijl je na enkele minuten verwachte dat dit nummer eerder een rustig intermezzo zou worden. De uitbarsting is echter niet voor lang, want Aeternus keert al snel, en begeleid door avontuurlijk drumspel, naar mid-tempo wateren terug. Ook het jazzy einde met mooie gitaarlead klinkt geslaagd en onverwachts.

Wresting worm” en het met een rockgetinte drumfinale eindigende “The Luciferian architect” zijn over de gehele lijn wat vuriger en sneller, hoewel er ook nog steeds heel wat melancholische mid-tempopassages ingelast worden. Beide songs ontpoppen zich al snel tot erg geslaagde melodieuze krakers met goed uitgedachte gitaarthema’s die laten horen dat Ares en zijn Aeternus nog steeds beklijvende songs in hun koker hebben. Ongetwijfeld twee van de vele hoogtepunten op “Philosopher“. Ook de met vele melancholische heldere gitaarlijntjes doorspekte en Immortal-getinte afsluiter “Carving the pristine anomie” laat horen dat de tweede helft van “Philosopher” wat meer up-tempomateriaal bevat, zonder daarbij echter die donderende en bulderende heavy stukken uit het oog te verliezen. De snelheidsuitbarstingen op de tweede helft van de plaat komen regelmatig tamelijk onverwacht en klinken toch niet geforceerd, wat een dikke songwriterspluim verdient.

De erg geslaagde organische productie van de hand van Herbrand Larsen (ex-Enslaved) die o.a. een erg geslaagde drumsound oplevert en dicht tegen de klassieke Grieghallen-producties van de band aanschurkt, maakt het geslaagde plaatje af. In hindsight en danig onder de indruk van “Philosopher” heb ik ook voorganger “Heathen” (2018) maar eens opgesnord en eigenlijk vertoont die plaat heel veel gelijkenissen met de allernieuwste telg waardoor die me ook heel goed bevalt. Aeternus is met andere woorden een band die zijn relevantie bij ondergetekende terug verdiend heeft. Indien ook jij de Noren afgeschreven had, raad ik toch aan Aeternus nog eens een kans te geven. Spijtig dat hun recente passage als voorprogramma van Gorgoroth dan ook gelijktijdig met Unholy Conregation viel, anders had ik zeker present geweest. Knap werk heren!

JOKKE: 89/100

Aeternus – Philosopher (Agonia Records 2023)
1. Existentialist hunter
2. World bleak nepotism
3. The intentionality of unitigated evil
4. Void of venom
5. Wresting worm
6. The Luciferian architect
7. Carving the pristine anomie